Crisis situatie in de schaduw van de vulkaan.
- Details
Positie : Pulau Bawean, Java zee. (05°43,85 Z 112°40,14 O).jpg)
Vissers maken zich klaar op het strand van Lovina.
Tegen alle verwachtingen in blies er een behoorlijke wind tijdens het eerste deel van de nacht en onze tocht naar Noord-Bali.
Rustig wat lezen of luisteren zat er niet in. Daar zorgden de ontelbare FAD's wel voor. Ja, ook hier krioelen ze, zelfs op een behoorlijk eind van de kust. Ze zijn wel verlicht (behalve eentje) maar je moet toch flink opletten. Hun licht is niet zo helder, je ziet ze pas als ze vlakbij zijn. Op die manier, steeds scherp over het water uitkijkend, gaat de wacht wel snel voorbij en voor we het weten komt de zon op en ...zien we in de verte, vlak bij onze bestemming, honderden vissersbootjes dicht op elkaar gepakt in een snel varend kluwen in dezelfde richting vooruit varen. Wat is dat?
Later, als we bij het “dolfijnen dorp” Lovina geankerd zijn, begrijpen we dat honderden bootjes met toeristen elke ochtend vóór zonsopgang uitvaren om dolfijnen te spotten. Wij snappen niet dat dit kan en vooral mag. Aan hoge snelheid varen ze met de jagende dolfijnen mee. Zoveel motoren maken toch een hels lawaai. Desondanks blijven de dolfijnen in de buurt?
Vinden ze dit spelletje leuk?
Voor ons is er slechts één hoogtepunt in Lovina : de “Pepito” supermarkt, waar we naar hartenlust dure voeding spullen kunnen inkopen. Kaas, volkoren bloem, spek, Frankfurter worstjes, super kwaliteit gehakt.
We wandelen wat door het leuke stadje en genieten van het toeristische happy hour. Mag ook wel een keertje.
Maar ons verblijf in de erg rustige baai hier is gewijd aan het genezen van Tony's knie. Dik gezwollen en pijnlijk na al het werk in Medana, waarbij hij steeds op zijn knieën zat, en van het vele op en af geklauter van de hoge ladder. Rust en Voltaren moeten het probleem oplossen. .jpg)
De Ijen vulkaan (van het blauwe vuur) in het vroege morgenlicht. (Indonesië telt meer dan 400 vulkanen, 130 actieve).
Als we na een week besluiten verder te varen richting noordwest naar het eiland Kalimantan (Borneo) slaat het noodlot opnieuw toe.
Ankerop gaan lukt nauwelijks. De ankerlier motor stopt er telkens mee en al is het maar 25 m ketting, het duurt een eeuwigheid om die en het anker boven te halen. Het minieme anker probleem is tijdens de drie maanden op de kant dramatisch verergerd, zo blijkt.
Bij het wegvaren brainstormen we heftig wat te doen. Besluit van het korte crisis overleg : we kunnen zo niet verder. De ankerlier is niet meer te vertrouwen. Er moet iets gedaan aan die elektrische motor. We keren om. Terug op de ankerplek reageren we onze frustratie af tijdens een video chat met Bert en Stefanie. Gelukkig is bij hen aan boord in Zeeland alles goed.
We nemen contact op met Boom Marina Banyuwangi en Warrick wil ons wel proberen helpen. Tony vermoedt immers dat er iets mis is met de wikkelingen van de motor en dat kan hij niet zelf verhelpen. Ik bespaar je het verhaal van onze helletocht naar deze marina die in het nauwe kanaal tussen Java en Bali ligt. Onlangs zonk er nog een ferry. Wij krijgen te maken met veel ergere tegenstroom dan voorspeld. Jakkeren tegen overfalls en woelige stroom rafelingen, komen nauwelijks vooruit en moeten opgeven omdat we nooit vóór donker in de marina kunnen zijn. Een tweede poging, met stroom mee, mislukt omdat nu de wind fors is toegenomen en 20 knopen wind tegen een 4-5 kn stroming staande golven veroorzaakt. Dit water gaat de Jakker annalen in als “het Zijpe ²”. (Het Zijpe is de engte tussen Bruinisse (Schouwen-Duiveland) en Sint-Philipsland waar een akelig harde stroom stond in de tijd dat wij er zeilden in “de oertijd” toen de Oosterschelde kering nog niet gesloten was).
Onze naam helpt ons dit keer niet. En de vulkaan kijkt zwijgend toe. .jpg)
De typische spitse golfjes van stroomrafelingen.
Met hangende pootjes zeilen we een uur terug...naar een verrassend pittoreske, rustige baai met moorings (!), Teluk Banyuwedang. Een mooring is nl. dé oplossing, we hoeven niet te ankeren en Tony kan rustig zelf de motor uit elkaar halen. Want wat kan hij anders doen? De ganse dag poetst, ontvet en schuurt hij koolborsteltjes die vastgekoekt zaten en koperen onderdelen en wat blijkt : de ankerlier loopt weer als een klok..jpg)
Hier is de boosdoener..jpg)
Tony pakt de motor grondig onder handen. Cruisen is werken in de tropen !
We leren weer wat cruisers en locals kennen, wandelen wat, genieten van een etentje, vullen onze watervoorraad bij en zijn na twee dagen weer “in form” voor een tweede vaarpoging richting Kalimantan..jpg)
Wandelen in de baai van Banyuwedang..jpg)
Uitrusten in Pulau Bawean.
Ik schrijf dit in Pulau Bawean, je kan dus al vermoeden dat we onze tocht verder konden zetten. Na twee dagen en twee nachten, waarvan we meer dan de helft zeilden (een record voor een land als Indonesië), voeren we hier binnen.
Makkelijk was het niet. We slapen erg weinig. Anders dan het zeilen op de oceaan is het zeilen in de Java zee heel vermoeiend. Voortdurend moet je opletten op FAD's (nog maar eens zeggen : Fish Attracting Devices), kleine en grote vissersboten, snelle ferry's en enorme vrachtschepen. Ten noorden van Java heb je ook nog boorplatforms, die we letterlijk links laten liggen.
Enorme licht schijnsels afstralend op de donkere hemel lijken wel van grote steden afkomstig. Kan toch niet? Als je dichterbij komt, word je er echt door verblind. Het licht is feller dan dat van de volle maan. Het moeten visplatforms zijn, misschien vissen ze inktvisjes? De tweede nacht zeilen we letterlijk ertussen.
Bij momenten zijn de dwars golven in deze ondiepe zee (slechts 65 m diep meestal) erg onaangenaam. De genua klapt van stuurboord naar bakboord . Het doet pijn want je weet welke slijtage dit toebrengt. Het oproltouw voor de genua slaat van zijn rol. Onder in de ankerbak zit dat. Enkel Tony, met zijn lange armen, kan daaraan. Hij is dus weer slachtoffer van dienst om het touw terug op de rol te krijgen. Plat op zijn buik op het voordek in de brandende zon.
We gijpen en meteen worden de golven aangenamer. We zitten over die boeg ook beter op koers. Zo kunnen we de ganse nacht door en 's ochtends zien we het eiland Bawean voor ons.
Hier willen we even op adem komen en proberen onze tour op de Sekonyer rivier te regelen. Borneo had altijd al een magische klank en aantrekkingskracht voor ons.
.jpg)
Twee kleine vissersboten komen een kijkje nemen.
We pikken de draad weer op.
- Details
Positie : Lovina (Noord-Bali) ; 08°09,67 Z 115°01,29 O
Jakker drijft weer.
Groot, rood, doemt de zon achter de bergen van Bali op. Onze, pas gegalvaniseerde, ankerketting verstoort ratelend de stilte van de vroege ochtend. Het is erg ondiep in Lovina (Noord-Bali), een dertigtal meter ketting volstaat om Jakker potvast te leggen.
De kop is eraf. Onze eerste nachtelijke tocht zit erop. We zijn terug.
De “blog”stilte is voorbij. Ik wil er opnieuw tegenaan gaan al valt het me zwaar de draad terug op te pikken. Verval ik niet in eindeloze herhalingen?
Hoe stil het ook op de blog was, wij konden niet actiever geweest zijn.
Zodra je voet op Belgische bodem zet, begint het organiseren en regelen.
Na een jaar quasi zonder agenda, kan je er nu opeens niet meer zonder.
Elke dag is er wel iets gepland. Etentjes, visites, wandelingen met vrienden of familie, doktersbezoeken en vooral veel kwaliteit tijd met kinderen en kleinkinderen.
Alle overige tijd gaat zitten in het uitzoeken van dingen op het internet. Spullen die dringend nodig zijn aan boord. We plaatsen bestellingen, wachten leveringen af.
Een heel bijzondere belevenis, het heerlijke trouwfeest op wijndomein Den Eeckhout van nicht Lies, beleefden we met onze ganse familie.
Familiefoto op de trouw van Lies..jpg)
.jpg)
Bij de surfers aan zee..jpg)
Dit is nog maar een deeltje van onze grote familie, wandelend in Kiewit..jpg)
Met ons gezin uitwaaien in Zeeland..jpg)
Familiedag in Melsbroek op 21 juli. Bert leidde de formatie A 400. .jpg)
Om de pijn na het afscheid wat te verzachten, bezochten we alvorens aan het werk te gaan, Pura Besakih, de moeder van de tempels op Bali. Bijna liep alles in het honderd door het noodweer dat Bali en vooral Denpasar teisterde net op de dag dat onze vlucht landde..jpg)
.jpg)
.jpg)
Ons hotelletje met de vulkaan van Bali, Gunung Agung.
Drie weken later zijn de zwaarste klussen aan boord uitgevoerd. Het onderwaterschip is babyhuid glad geschuurd, daarna in de primer gezet en vervolgens in anti-foulingen de romp is gepolished. Voor het eerst deden we het niet zelf. Slechts twee mannen hebben al dat werk verzet. We zijn erg tevreden. Ook al de hulp die we van mister Gun, de mechanieker van dienst in Medana, kregen, vergeten we niet licht.
Ons roer waar haast geen beweging meer in te krijgen was, draait weer super soepel. De steun van het roerlager is opnieuw gelast en geplaatst. Het lager vervangen. In het totaal een week zwaar werk voor Tony.
De motor lekt niet meer met nieuwe rubbers aan de warmtewisselaar en een hersteld waterinlaatstuk voor de motoruitlaat. Hij is ontdaan van roest en voorzien van twee laagjes verf.
We pakten de buitenboord motor onder handen. Die ziet eruit als nieuw.
De ankerbak idem dito. Binnen in de boot maakte ik schoon schip.
En zo kan ik nog wel wat doorgaan..jpg)
Sleuren met het roer. Dank je Nigel, Gabriel en Marijke. .jpg)
Waar anders kan je dat groot zeil manipuleren om te herstellen?.jpg)
De laatste deeltjes nog anti-foulingen..jpg)
De koeien houden steeds een oogje in het zeil..jpg)
De tocht naar het water.
De enige grote tegenvaller : Tony zit met een pijnlijk gezwollen, stijve knie. De tol van dat dagenlang werken op zijn knieën aan motor en roer. Van het kruipen in de krappe ruimte van de achter kajuiten om bij het roer te kunnen. En zeker ook van de ontelbare keren de ladder op en neer klimmen.
Rust en Voltaren zullen de oplossing moeten bieden.
Met tegenzin nemen we afscheid van de crew van Medana Bay Marina, Rini, Arno en Jaya. Drie weken werden we verwend in het hotel, genoten we van elk diner en de vriendelijke bediening in het Sailfish Café, gaf het ontbijt ons kracht om de dag door te komen.
Het is tijd om verder te gaan..jpg)
Daar gaat ie dan.
.jpg)
.jpg)
Nog 17 van deze waterbussen ingieten. .jpg)
Afscheid van Arno en Jaya, .jpg)
...van Rini en .jpg)
...van de meisjes van het restaurant.
Bali : wierook, offeranden, murmelend water.
- Details
Positie : Houthalen - Centrum, België.
.jpg)
Rijstvelden in Ubud.
Ietwat opgelucht, er gebeurden de laatste tijd te veel ongelukken met ferry's in Indonesië, stappen we van de veerboot Ekajaya in Padang Bai, Bali.
Mede door het babbeltje met een jong koppel uit Beringen, onze provincie, die zelfs een ex-collega van Tony bleken te kennen, verliep de overtocht naar Bali, supersnel.
Op de overvolle kade, een krioelende massa aankomende en vertrekkende passagiers, stapels nog in te laden en reeds afgeladen bagage. Toch slagen we erin onze tassen en ook chauffeur op te sporen.
Meteen maken we kennis met de enorme verkeerschaos waaraan Bali ten prooi is. Ontelbare auto's, scooters, trucks en wegen smaller dan onze “dorpsstraten”.
We staan veel stil en kunnen meteen de bouwstijl bewonderen. Elk huis lijkt een tempel met de vele typische ornamenten met draken en mythisch goden.
Door een bezoek aan de koffiefarm waar we kennis maken met de luwak, het katachtig diertje verantwoordelijk voor de luwak koffie, breken we de rit naar Sidemen. Amper 38 km, maar we doen er wel meer dan anderhalf uur over..jpg)
De civetkatachtige Luwak die lekkere koffiebonen uitkakt..jpg)
Zoveel smaken koffie om te proeven. .jpg)
Deze meisjes bereiden de koffie en geven uitleg.
Daar wacht ons een huisje in de jungle. Ayu, de eigenares, verwelkomt ons met Balinese lees Hindoe hartelijkheid.
We lijken beland in een heiligdom. Overal altaartjes, groot en klein. Wierookgeur de ganse dag, de stokjes worden steeds ververst. Ook de offerandes van gevlochten schaaltjes met bloemen en rijstballetjes.
Later zullen we merken dat heel Bali geurt naar wierook en dat letterlijk overal, op straat, op de brommers, in de werkplaatsen, offerandes worden gebracht.
We bezoeken een waterval, wandelen veel, tenminste als het niet regent en dat doet het erg vaak, niettegenstaande het regenseizoen lang voorbij is..jpg)
Hier zullen we lekker slapen..jpg)
Beschermd door de huisgoden voor de deur..jpg)
En door de vele tempeltjes op het terrein van het hotel..jpg)
Deze offerande schaaltjes worden een paar keer per dag ververst..jpg)
Hier leren ze mij, een toevallige passant, hoe je die schaaltjes vlecht..jpg)
.jpg)
Waterval met natuurlijke pool.
.jpg)
Wandelend in de rijstvelden van Sidemen..jpg)
.jpg)
Onze wandelgids..jpg)
Zomaar een verlaten tempel aan het eind van ons straatje..jpg)
In Ubud (slechts 35 km ver) waar we na een lange rit van 3 uur eindelijk arriveren, belanden we van de regen in de drop. Ons geplande bezoek aan de moeder aller tempels in Bersakih valt letterlijk in het water.
De zware stortregen van de laatste nacht in Sidemen zet zich gewoon door en houdt drie dagen en nachten aan.
Als het eindelijk wat droger wordt, kan je ons in de befaamde rijstvelden vinden. Zo ontvluchten we tijdens lange wandelingen het door toeristen overspoelde stadje.
Bali telt meer tempels dan woningen. Je moet er dus wel enkele bezoeken. Ceremonies zoals voor de doden zijn er elke dag. Het verkeer wordt er voor omgeleid.
Ondanks al die drukte en chaos hebben we genoten van de erg speciale Balinese sfeer. Een totaal verschillend eiland.
Wierookgeur, bloemen offeranden, tempels en murmelend water dat blijft hangen van Bali, als we op het vliegtuig richting België stappen..jpg)
.jpg)
Rijst, rijst, rijst....jpg)
...en nog meer tempels..jpg)
.jpg)
De beroemde lotusbloem.
Je kan Bali niet verlaten zonder het dansen gezien te hebben..jpg)
.jpg)
Danseressen met aan beide zijden het gamelan orkest.
Jakker op het gazon en wij naar België.
- Details
.jpg)
Elke avond brengt de oude man zijn koeien terug over het strand.
Even, uit tijdsnood, snel vooruit spoelen.
Het walvishaaien avontuur nog nazinderend in ons lijf en brein, zeilen we in een paar dag sprongen van Sumbawa naar Lombok.
Daar kunnen we vlot, met Arno en Rini van Medana Bay Marina, een “uit het water halen” regelen. De geruchten over een lange wachtrij bleken onjuist.
Op 24 juni om 8u30 trekken een paar sterke mannen Jakker op de gesofistikeerde trailer. Om die tijd is het hoog water en dat hebben we nodig voor onze boot die 2 m diep steekt en bij een minder hoog waterpeil zou vastraken in het zand op de helling.
Twee mannen checken onder water of alles ok is, de trailer “krikt” Jakker omhoog en in een oogwenk trekt de tractor het geheel aan land. Professioneel.
Volgt het klassieke afspuiten met de hoge druk spuit. Zoveel makkelijker dan ons moeizaam onder water krabben..jpg)
Jakker is er klaar voor..jpg)
De tractor rijdt de trailer in het water..jpg)
.jpg)
Tony en Arno trekken Jakker op de trailer..jpg)
.jpg)
Jakker onderweg naar haar plekje naast de catamaran..jpg)
Een prachtige locatie. .jpg)
Arno en Rini houden toezicht tijdens het opbokken.
Daarna wordt ze naar haar plekje op het gazon, vlakbij een riviertje gereden. Nog nooit werkten we in een aangenaam park als dit. Achter ons staan koeien en op het terrein lopen enkele zwerfhonden die af en toe een huilconcert aanheffen. Het oorverdovende oproep tot gebed (het eerste om 4u30, remember) stoort veel meer. Hier hebben ze er een super vervelende variant aan toegevoegd : een jongen neemt met hoge, valse noten de laatste twintig minuten voor zijn rekening.
In de hotelkamer waar we logeren omdat het op Jakker een puinhoop is, klinkt de moskee nog harder en kan je zonder oordopjes niet verder slapen..jpg)
Het aangenaam hotel van Medana Bay Marina.
We regelen het galvaniseren van anker en ketting. Dat zal in Jakarta aangepakt worden. Tony haalt het roer naar beneden en demonteert de verroeste steun voor de ophanging van het boven lager van het roer. Dat gaat Mr. Gun hier herstellen.
De buis van de motor uitlaat, vervangen in Nieuw-Caledonië, krijgt eindelijk een nieuwe, passende, huiddoorvoer..jpg)
Zo verroest is die steun.
En na nog ontelbare kleine, “boot verlaat jobkes” zoals gaten dichtstoppen tegen ratten, nestelende vogeltjes en mieren, valt Tony uitgeput en ziek op bed.
Bestaat er iets als Lombok belly?
Hij krijgt twee dagen om uit te zieken want maandag 30 juni nemen we de ferry naar Bali, vieren daar anderhalve week vakantie en vliegen vervolgens naar huis.
Op 9 september maken we de reis in omgekeerde zin met een valies vol bootonderdelen en typisch Belgische hebbedingetjes.
Hopelijk hebben we dan de dokters en tandartsafspraken kunnen afronden en zoveel mogelijk familie en vrienden gezien en vooral een leuke tijd gehad met kinderen en kleinkinderen.
.jpg)
Genk meets Shenzhen. Naast ons het allereerste Chinese jacht dat Indonesië aandoet..jpg)
Toch ook nog even tijd voor een etentje in hotel Tugu. .jpg)
.jpg)
Enorme vissen.
- Details
Positie: Medana Bay Marina, Lombok. 08°21,83 Z, 116°07,78 O. .png)
Als de stuurman de motor uitzet, is de stilte oorverdovend.
Twee uur lang martelde het lawaai van de open uitlaat onze oren. Wij, de tien witte en lokale toeristen en nog een vijftal bemanningsleden, probeerden op de met dekens bedekte bodem van de boot wat te slapen. We zijn immers allemaal onmenselijk vroeg opgestaan.
Nu, in het vreemde licht van de achter wolken en horizon wegzakkende volle maan aan de ene kant en het aarzelend roze van de opkomende zon aan de andere kant, moet het gaan gebeuren.
We leggen aan bij het platform dat via grote “tuinslangen” lekkers in het water spuit. Lekkers, een soep met heel kleine stukjes vis en inktvis, voor de walvishaaien.
Immers om deze gigantische dieren te zien, er mee te snorkelen, zijn we om 1u30 met de auto uit Sumbawa Besar vertrokken. Een niet ongevaarlijke rit van twee uur. Zo midden in de nacht rijden er talloze vrachtwagens aan hoge snelheid in de tegenovergestelde richting over de niet erg brede, donkere weg. Om 4 u stappen we, in het haventje van Labuan Jambu, over op de lange smalle boot die ons in nog eens twee uur bij het platform zal brengen.
Vissers in deze Saleh Baai ontdekten dat de walvishaaien achter hen aan zwommen en doen dit nu voor snorkelaars. Je kan tegen dit voeren zijn, maar nu worden ze tenminste niet meer gejaagd. De toeristen brengen meer geld in het laatje..jpg)
In het holst van de nacht op weg met de boot.
Het voeder platform (met onderwatercamera).
Eerst hebben we nog niet door dat ze er echt zijn. Het schemert nog. Maar daar zie ik de witte stippen op de rug van een kleine walvishaai. Klein maar toch nog 5 m. Een tweede spert ook zijn enorme muil open onder de soepstraal.
Dan duikt er een derde, erg grote, van beneden op. Zo rustig toch zo snel soepel zwemmend, kerend, draaiend, duikend.
Reusachtige gulpen water, als in een enorme afvoer, verdwijnen in hun muil waar het voedsel eruit gefilterd wordt.
We staan alles met open mond te bekijken tot we zelf ook in het water mogen.
Enorme muilen. .jpg)
Heerlijk "walvis ontbijt" uit de tuinslang !.png)
Gulpen water slokt hij binnen.
Ik (in het zwart)....walvishaai in wit en grijs..png)
Net een boot waar ik onder zit.
Afstand van deze dieren bewaren, zoals men adviseert, is onmogelijk. De ruimte is te klein. Ze draaien voortdurend onder de “soepstralen” door en duwen ons opzij. Als je weg wil zwemmen, zit je gegarandeerd weer tegen een andere aan. Tony moest zich afduwen. Ik zat letterlijk onder een walvishaai die over me heen zwom toen ik bovenkwam. Alsof ik onder een boot opdook.
Ik hoop maar dat we hun tere huid niet beschadigd hebben of hen met bacteriën besmet.
We blijven met hen zwemmen en foto's nemen tot we het koud krijgen. Zelfs in water van 29° begin je ooit wel te rillen. Het is moeilijk afscheid nemen.
Wat een ervaring !
.png)

Tony moet zich afduwen.

We kunnen opwarmen met een kop koffie en een boterham met choco. Echt waar. Ze hebben Nutella bij. Toeristen kost. Indonesiërs eten weinig brood.
Helemaal opgeladen door deze geweldige belevenis, doen we het hele traject in omgekeerde zin. Twee uur boot. Twee uur auto. Nu op een weg met onnoemelijk veel scooters. Het is nu middag. De school is net uit. Maar ook geiten, koeien, katten lopen midden op de straat. We zien veel sawa's met werkmensen onder de typische kegelvormige hoed. Ploegen doen ze niet meer met waterbuffels. Saïdjah en Adinda, dat beeld vergeet het maar. Ook hier hebben ze nu gemotoriseerde ploegjes.
Dit is zeker weer een herinnering waar we lang op zullen teren..jpg)
Terugtocht met de boot..jpg)
Tony met Sofian en zijn vrouw.
Maar eigenlijk kwamen we naar de hoofdstad – havenstad Sumbawa Besar met een totaal andere missie. Het noodlot had een dag eerder weer toegeslagen. Onze startaccu begaf het in rook, kokende hitte en stank. Nog een gevolg van de kapotte diode die al te lang te hoge spanning naar deze batterij stuurde.
De startaccu is een gewone auto batterij, die moeten we hier wel kunnen vinden. De afmetingen moeten wel kloppen, anders past hij niet in de kist. Als we onze Jak aan de betonnen steiger vastmaken, staat meteen Sofian naast ons. Taxichauffeur. En die mannen hebben een neus voor cruisers met pech. Hij brengt ons naar een batterijshop. Als we eentje met de juiste afmetingen gescoord hebben, rijden we nog even langs de fruitwinkel. Tussen neus en lippen vraagt hij of we geïnteresseerd zijn in zwemmen met de whale sharks en toont hij ons een aantal zeer verleidelijke foto's.
En zo komt het dat we de dag nadien om 1u15 al op de kaai staan. De rest van het verhaal ken je al.
Weer wat afgevinkt op onze bucketlist en klaar voor de tocht naar Lombok..jpg)
Nieuwe accu kopen.
Vuurbergen op een rij.
- Details
Positie : Teluk Temboror, NW Lombok, 08°21,98Z 116°07,07 O.
Bijna elke avond, pure verwennerij.
Het was in het jaar des Heren 1815 op 10 april rond 19.00 uur dat de zee zich helemaal terugtrok van de kust van het koninkrijk Tambora (op het schiereiland Sanggar, behorend tot Sumbawa). Schepen kwamen op het droge te liggen. Met een nooit geziene kracht beukte vervolgens een tsunami in op het land. Tegelijk ontplofte de 4.300 meter hoge vulkaan Tambora met zulk een geweld dat het volledige bovenste gedeelte in een enorm explosie van stenen, brokken en lava werd weggeblazen en de berg nu nog 2.851 m meet.
De energie die vrijkwam bedroeg, hou je vast, twee miljoen keer de kracht van de atoombom op Hiroshima.
Het koninkrijk Tambora (7.000 inwoners) werd net als Pompeï onder de as bedolven, een aslaag van 1,5 m tot 7 m dik.
De gevolgen voor de wereld zijn catastrofaal. Het jaar 1816 gaat de geschiedenis in als “Het Jaar zonder Zomer” over de hele wereld. Er brak hongersnood uit ook in Europa. Door een veranderde moesson waren er overstromingen in China en India. Zelfs Napoleon zou de slag van Waterloo verloren hebben door toedoen van de zware regenval na de uitbarsting, zijn artillerie liep vast in de modder. Allemaal de schuld van de Tambora uitbarsting, waarbij 150 kubieke kilometer puin en assen in de atmosfeer terechtkwamen, dwars door de ozonlaag.
Je hebt hem al door. Ik vertel dat terwijl we op een mijl afstand voorbij zeilen aan de machtige berg en af en toe een glimp opvangen van de indrukwekkende top. Ik probeer me voor te stellen hoe het moet geweest zijn.
De hele Tambora cultuur vernietigd. Archeologen vinden hier, net als in Pompeï verstilde scenes en slagen er zo in het dagelijkse leven te reconstrueren..jpg)
De Tamboro ( van het Jaar zonder Zomer) laat zich niet echt zien..jpg)
Vredige strandjes dichtbij de vulkaan.
Het is trouwens niet de enige vulkaan die ons zeilpad kruist. Hoppend ten noorden van Komodo en Sumbawa verrast elke dag ons met een andere. Zeker ook erg indrukwekkend, de “tweeling” vulkaan Sangeang Api (1949 m en 1795 m) laatst uitgebarsten in 2020 !
Dan de prachtige uitgedoofde Satonda met groenig kratermeer dat we niet kunnen bezoeken want de ankerplaats te woelig..jpg)
Sangeang Api (tweeling) bij valavond...
.jpg)
...hun kop net boven de wolken terwijl we erheen zeilen.
.jpg)
Wij zijn hem voorbij.
In Vanuatu genoten we ook van het uitzicht op zo een prachtige kegels, maar nooit dienden ze zich zo in een rijtje aan.
De grote Rinjani op Lombok ligt aan de noordkant van het eiland, dichtbij voor ons. We ankeren aan de voet ervan.
En dan zien we in de verte al de hoogste actieve vulkaan van Bali, Gunung Agung.
Ik hou op voor je een vulkanen indigestie krijgt. Maar je snapt het plaatje. Wij worden de aanblik nooit beu..jpg)
De Rinjani op Lombok..png)
Op een avond vliegen er duizenden vliegende honden over onze boot op weg naar hun "nacht"taak. .jpg)
Typische vissersbootjes met "spinnenpoten" (outriggers) ..jpg)
Bij nader inzien gingen we liever met onze boot dan met deze overvolle veerboot naar Sumbawa Besar.
Wat blijkt bij het ter perse gaan? Gisteren braakte de Lewotobi Laki Laki in het verre oosten van het eiland Flores een grote aswolk van 10 km hoog uit. Wij zitten op een veilige 750 km er vandaan in het westen van Lombok. Maar er zit as in de lucht, er zijn weer vluchten vanuit Bali naar Australië geschrapt.
Wilde iemand mijn verhaal wat kracht bijzetten?
Ontmoeting met de dragons.
- Details
Positie : 08° 19,586 Z 118°23,291 O. Kilo, Sumbawa, Indonesië.  ko.jpg)
Prachtig panorama van op de heuvel van Rinca eiland met de lontar palmen. Zoek onze boot.
Labuan Bajo,-
de hoofdstad van Flores, jou onbekend, veronderstel ik.
Als ik “Komodo” en meer bepaald de “Komodo varaan” zeg, gaat er al een belletje rinkelen wellicht. Suske en Wiske?! “De nare varaan.”
Wel, Labuan Bajo is de springplank naar Komodo. Honderden toeristenboten, vooral phinisi's (typische in Indonesië op het strand in Sulawesi gebouwde houten boten) verwelkomen de horden vakantievierders aan boord en varen meteen af naar het Komodo Nationaal Park.
Snorkelen, duiken, naar het roze strand of klauteren op de berg op Pulau Padar bij zonsopgang of -ondergang. Met een dertigtal boten naar dat ene mooiste plekje voor ondergaande zon-foto's mét zwermen grote vleermuizen. Er is voor elk wat wils.
En dan is er natuurlijk, het hoogtepunt : het spotten van de Komodo dragon, de Komodo varaan..jpg)
Ze hebben in de stad zelfs een standbeeld van de varaan.
Boodschappen.
Ook wij willen op eigen tempo het nationaal park verkennen, maar eerst is het
weer diesel inkopen en benzine en omdat het niet meer zoveel regent, ook drinkwater. (Het leidingwater in Indonesië is niet drinkbaar.)
Ik breng de was binnen want daaraan wil ik geen kostbaar water verspillen en betaal voor dit karwei nog nooit zo weinig.
Dit alles is makkelijk in de buurt van de visserskaai te doen, al is het wel een behoorlijke rit met de dinghy tot daar. Zover zijn we geankerd, ver van het gewoel van de tientallen phinisi's en hun ontelbare bijboten en van de vissers met hun oorverdovend knallende motoren.
Supermarkten afschuimen, nog zo een nieuwe “hobby” sinds we vertrokken met de boot. Thuis weet je alle spullen bijna met je ogen toe te vinden. Hier moet je op zoek tussen totaal onbekende merken, onlogisch gerangschikt, de info enkel in het Indonesisch. Toch piept er iets van thuis van tussen de koekjes, speculaasjes Biscoff-Lotus en zie ik ook een pot speculaas pasta. Surprise.
Wat ze in de ene winkel niet hebben, biedt een andere misschien aan betekent: nog meer supermarkten verkennen. Je blijft bezig.
Mijn geluk kan niet op als ik in Deli Point binnenstap, een piepklein winkeltje maar ze hebben er volkoren bloem ! Het was de forse klim naar de bovenstad waard..jpg)
Op boodschappen missie..jpg)
De stad heeft twee verdiepingen..jpg)
Eén van de mooiere phinisi's..jpg)
En hier verbouwt men eentje..jpg)
Jongetjes spelen bij het dinghydok.
De varanen
Zeg je “varaan”, dan denk ik onmiddellijk aan het afgrijselijke verhaal dat de crew van zeilboot “A Small Nest” beleefde..
Het moet rond 2011 geweest zijn dat het Belgische gezin Stellamans met drie kinderen dit park bezocht en getuige was van het lugubere einde van het hondje van een bevriend paar, eveneens zeilers, tussen de kaken van een varaan. Een vreselijke ervaring, om nooit meer te vergeten. Zou het trauma intussen verwerkt zijn?
Toch willen ook wij die beesten in levende lijve zien.
Wij boeken een pittige hike van drie uur met de rangers op het kleinere eiland Rinca, op zoek naar de voorhistorisch ogende Komodo dragon. We zien er een vijftal vooral lui liggend in de zon of schaduw. Het zijn tenslotte reptielen die moeten opwarmen om te kunnen bewegen en als het té warm wordt, gewoon ergens gaan liggen. Eten doen ze ook maar een paar keer per maand.
Deze varanen zien er niet echt angstaanjagend uit.
Maar de mensen uit het verhaal hierboven weten wel beter. Een varaan kan kort wel 20km per uur rennen. Die wil je niet achter je aan.
De vele waterbuffels in de modder van de rivier, leken meer op hun hoede voor ons, klaar voor een aanval misschien?
We genieten van de prachtige natuur, de grillige, in dit seizoen, uitdrogende rivier en de badderende buffels, de savanne, de grashellingen, de speciale lontar palmbomen. Moesten bij het laatste afdalende stuk oppassen niet, met een beetje knikkende, vermoeide knieën, uit te schuiven op de rolsteentjes. Maar we kunnen het nog!
De info van de rangers, allen geboren en getogen op Pulau Rinca, maakt bepaald indruk. Vooral de persoonlijke verhalen. Hun dorp, aan de andere kant van het eiland, wordt af en toe belaagd door hongerige varanen. Azhmull vertelt hoe vijf personen uit zijn dorp stierven na aanvallen van varanen. Eentje pas na maanden afzien.
Als een varaan je bijt, maken de bacteriën uit zijn mond die in je bloed terechtkomen, je ziek. Hij heeft bovendien een giftand maar nog erger er zit een anti-bloedstollingsmiddel in zijn speeksel zodat je gewoon doodbloedt.
Binnen twee uur moet je in het ziekenhuis behandeld worden. En laat de boottrip vanuit hun dorp naar het ziekenhuis in Labuan Bajo nu uitgerekend drie uur duren.
Gelukkig heeft de regering nu twee omheiningen rond het dorp geplaatst.
We blijven nog een nacht in deze bijzondere baai van Loah Buayah, dit keer aan een mooring bij een strandje waar we 's avonds met de verrekijker aapjes spotten.
.jpg)
Op stap in het national park.
.jpg)
De gids voorop, zijn enige wapen de gevorkte stok, dient ook om slangen te immobiliseren. .jpg)
Duidelijk...water buffels. .jpg)
 ko.jpg)
En dan een varaan..png)
En nog eentje, op wandel..jpg)
Met onze gids,Azhmull.
Volgende stop wordt Pulau Siaba Besar,ook wel Turtle point, Zoals zo vaak, zien we slechts één schildpad waar men tientallen belooft! Logisch.
Met open mond staan we te kijken hoe tientallen af en varende phinisi's en snelle motorboten ladingen snorkelaars en duikers letterlijk afgooien.
Verspreid in de baai liggen op bepaalde momenten net bovengekomen duikers en onervaren snorkelaars met zwemvesten aan terwijl boten van alle afmetingen daar kriskras doorheen varen, op snelheid want anders kunnen ze niet maneuvreren. Vragen om ongelukken lijkt ons deze situatie.
Als wij ons op onze beurt twee keer over het prachtige rif hebben laten meesleuren tijdens een driftsnorkel, houden we het hier voor gezien.
Het is goeie wind, we kunnen zeilen naar een volgende bestemming in het noord oosten van Komodo eiland..jpg)
We kunnen onze weg zoeken tussen de riffen dankzij de sat kaarten..jpg)
Dit is Indonesië, onnoemelijk veel plastic, overal. Zo jammer.
Prachtig onder water.
(Voor de geïnteresseerden een nagekomen technisch bericht. Er is een zware last van onze schouders gevallen toen Tony ontdekte dat de split diode van de batterijen kapot is. Daardoor werden de batterijen nog enkel door de zon geladen. Lang verhaal kort : diode vervangen door een relais die we in Labuan Bajo konden kopen in een rommelig elektriciteitswinkeltje. De alternator voedt nu weer gewoon de batterijen zoals het hoort. Wij gelukkig...tot het volgende mankement zich aandient. )
Toeristen, moskeeën, eilanden.
- Details
Positie : Labuan Bajo, Flores, Indonesië. 08°31,099 Z, 119°51,938 O. .jpg)
Ontmoeting op zee.
Indonesië. Gordel van smaragd. Hagelwitte stranden. Klapperbomen. Stralende zon. Wat stel je je er nog allemaal bij voor?
Onze ervaring de voorbije maanden: loodzware onweerswolken, onvoorstelbare waterhozen met druppels zo dik als knikkers, bliksem en donder dreigend genoeg om ons aan te zetten alle elektronische apparaten in de oven te stoppen. Kortom slecht weer en dat niet enkel in januari, februari, moessontijd. Maar nu, we zijn toch al mei, is er nog steeds weinig verbetering zichtbaar.
We hopen op het meer zuidelijk gelegen eiland Flores eindelijk beter weer aan te treffen en incasseren de laatste felle nachtelijke regenbuien en squalls tijdens de overtocht vanuit Zuid-Sulawesi.
Hoe we in dit droge eiland aan drinkwater zullen raken, dat is weer een ander probleem. Iets voor later..jpg)
Eindelijk kunnen we wat zeilen.
.jpg)
Indonesische visser. De achterbouw (overbouw) is duidelijk de "poop". Of hoe dat ding aan zijn naam komt.
De baai van Riung, we arriveren er na twee deels natte nachten en dagen zeilen en motoren, verrast ons met ontelbare eilandjes, riffen, fjorden. Het zeventien eilanden nationaal park. Het drogere landschap valt meteen op. De bergen doen ons aan Nieuw-Caledonië denken. De dicht groen beboste hellingen van Papua, de Molukken en Sulawesi zijn plots ver weg.
Flores noemden de Portugezen dit eiland, dat zo naar bloemen geurde. Maar felle branden, door de jaren (eeuwen) heen, hebben vele bloemen en bomen verslonden. Ontbossing en erosie tot gevolg
In de zandgrond, op 10 m diepte, tegenover de erg lange, met lokale boten volgepakte steiger, zit het anker meteen pot vast. De anker winch kan het hier wat rustiger aan doen, hoeft de zware anker–ketting combinatie niet van een diepte van 30 m omhoog te zwoegen.
Want wat te doen als die winch het begeeft?.jpg)
.jpg)
We komen aan in Riung..jpg)
.jpg)
Zeventien eilanden.
We zien halfnaakte witte mensen in bootjes terugkomen van stranduitstapjes. Dit beeld, na maanden van gesluierde totaal bedekte moslimmeisjes, zelfs als ze zwemmen, choqueren ons een beetje. Toeristen!
Maar 's avonds genieten we wel van een etentje in het, voor de weinige toeristen die de regio aandoen, opgezette restaurantje mét life optreden van een Bob Marley look-alike.
Veel meer is er in dit slaperige vissersstadje niet te zien. Op de markt vind je veel vriendelijke vrouwen, hun aantal omgekeerd evenredig met het karige fruit in hun stalletjes. Een armzalige tros pisang, een papaya, wat tomaatjes, eitjes.
Ook hier in dit kleine stadje klinkt de muezzin oorverdovend, vijf keer per dag, beginnend om 4u30. Waarschuwden zeilers in de Carieb elkaar voor lawaaierige baaien met een kakofonie aan disco sounds.
Hier kan je in de blogs lezen over de luidruchtige masjids (moskeeën). Soms klinkt de oproep tot gebed wel in vier verschillende toonaarden uit even zovele kelen. De geluidsinstallaties allemaal om ter hardst.
We verschansen ons binnen in de boot, onze eigen muziek hard, ventilatoren op max.
In restaurant Rico Rico zijn we toch weer de pineut. De band mag pas zingen als de muezzin uitgefaded is. Het is dan bijna 20 u.
Maar we zijn gast in dit moslimland en gunnen Allah wat Allah toekomt.
De lange steiger om over het droogvallend strand toch de kant te bereiken..jpg)
.jpg)

Wandelen in Riung bij valavond..jpg)
De plaatselijke Bob Marley.
In de drie volgende dagen hoppen we naar Labuan Bajo, hoofdstad van Flores. Elke avond in een beschutte baai overnachtend. De ankerplek bij Pulau Bodo (Pulau Sabadi) is schilderachtig. Maar de beloofde coral garden vinden we niet en de aapjes op het strand waar zijn die heen?
Vissers krioelen er wel rond ons, vooral 's nachts. Met hun sterke lampen lokken ze de laatste vissen in hun netten. Denken ze dan niet aan de toekomst en die van hun kinderen?.jpg)
Prachtig Pulau Bodo .
.
Squidboot..jpg)
De enorme drukte in Labuan Bajo, springplank naar het Komodo nationaal Park.
.jpg)
Met nieuwe zonnepanelen onderweg naar uitzonderlijke ontmoetingen.
- Details
Positie : Wangi Wangi, Wakatobi, Zuid-Oost Sulawesi, 05°19,47 Z, 123° 31,91 O..jpg)
.jpg)
Links een nieuw zonnepaneel, rechts het oude exemplaar.
Gloednieuwe zonnepanelen.
Ja, we zijn erin geslaagd! We zijn onderweg met gloednieuwe zonnepanelen. Mijn “cliffhanger vraag” beantwoord!
Na de eindeloos vele verlofdagen aan het einde van de ramadan, kunnen we twee zonnepanelen van elk 200 W afhalen bij Toko Happy. Een erg lang weekend, waarin we helaas niet verder konden werken.
De oude zonnepanelen naar beneden halen, de nieuwe erop, ging vrij makkelijk, al zijn het onhandige, grote dingen. Ze aansluiten verliep ook zonder problemen. De panelen goed vastzetten, een ander paar mouwen. Roestvrij stalen beugels vind je hier niet. We moeten het doen met beugels om knalpotten te bevestigen. Te lange schroeven afzagen en vijlen, verbindingsplaatjes aanpassen. Onvermijdelijke prullenwerkjes waar je tijd mee verliest. Maar resultaat: panelen die een storm kunnen trotseren en stroom leveren dat ze doen! (Als de zon schijnt, tenminste). Pas nu beseffen we: de oude waren serieus “ziek”.
De koelkast 's nachts uitzetten om te verhinderen dat de spanning te laag wordt en de batterijen de geest zouden geven, niet meer nodig.
Met de versleten panelen maken we de volgende ochtend twee mannen die dagelijks met hun bootje passeren, gelukkig. Zij kunnen ze wellicht nog aanwenden in hun kampung (dorp) voor de buitenverlichting..jpg)
We varen verder westwaarts.
Met een lading vers fruit en groenten, kip en gehakt in de koelkast voelen we ons klaar om Ambon te verlaten voor Zuid-Oost Sulawesi, ongeveer 300 NM west. We leggen die afstand af in twee dagen en twee nachten. Een paar uur daarvan kunnen we zeilen, de rest van de afstand ronkt de motor ons gestaag west. Het goeie nieuws : de ganse tijd duwt de west gaande stroom ons aan meer dan een mijl per uur in de rug. Uitzonderlijk!
Ons gemiddelde overstijgt de 6 knopen.
Vermeldenswaard: er passeren een flink aantal tankers, cargo's en ferry's ons pad. Geen probleem, het alarm waarschuwt ons op tijd en we zien ze in de vorm van een dikke oranje streep op ons plotter scherm verschijnen
Helaas spotten we geregeld grote waterstroken met afval: plastic zakken, boomstronken, flessen.
Fish Attracting Devices (FAD's) zijn in deze wateren gelukkig goed verlicht.
En dan heb je nog de squalls. We zitten tenslotte op de evenaar.
Vooral de tweede nacht is weer zo een nachtmerrie. Erg veel regen.
Wind rond 30 kn (7bf) gedurende een half uur. Bliksem en donder.
Akelig op zee. We vangen wel bijna 100 liter water op, al kunnen we niet alle opvangslangen benutten tijdens de vaart.
De volgende ochtend begroet ons met stralende zonneschijn, alsof er niks gebeurde vannacht. Typisch.
Pulau Wangi Wangi – Wakatobi.
Rond 10 uur lopen we door de smalle, ondiepe doorgang in het rif, de grote lagune van Wangi-Wangi eiland (de Wa uit Wakatobi, een uit 4 eilanden samengestelde naam) binnen en maken vast aan een steiger van de verlaten marina.
Onbegrijpelijk. Indonesië bezit amper marina's die naam waardig. Je kan ze op één hand tellen. En dan ligt er hier eentje, volledig verlaten, zonder toezicht, zonder faciliteiten behalve de steigers, een niet gesloten poort en een restaurant op het terrein.
Dankbaar maken we hier gebruik van, maar de regen en het slechte weer dat maar blijft aanhouden (invloed van een naburige cycloon) gooien roet in het eten..jpg)
De verlaten haven van Wangi Wangi..jpg)
De avond markt vlakbij..jpg)
.jpg)
.jpg)
Eveneens op loopafstand: de grotten met zoet water.
Pulau Kaledupa.
Van een weersverbetering maken we gebruik om naar Pulau Kaledupa (de Ka uit Wakatobi) te tuffen, wind is er immers niet. 's Middags laten we het anker vallen bij het rif van het tegenover liggende kleinere Pulau Hoga. In het dorp heeft men ons al opgemerkt en Don komt met zijn boot langs om lobsters te verkopen. Het is echt al lang geleden, dus gaan we door de knieën.
Ook de parkrangers weten ons te vinden en als we betaald hebben voor het nationaal park en onze tickets mooi uitgeschreven zijn, kunnen we legaal gaan snorkelen. Prachtig koraal, slechts minieme tekenen van bleaching, veel kleine visjes en een mooie dropoff in kristal helder water maken ons gelukkige zeilers..jpg)
De parkrangers op bezoek.
Dorp op palen, Sampela.
Nogal wat mensen noemen ons zee zwervers, zee nomaden maar de echte sea gypsies van de unieke Bajo stam ontmoeten we vandaag. Ze leven al eeuwen op en van de zee. Weg van het land, op een uitgestrekte zandvlakte in zee letterlijk op een wereld gebouwd op palen.
Don, ook een Bajo, wil ons in zijn palen dorp rondleiden en meert af aan zijn huis. Zo starten we onze rondwandeling over de wankele planken paadjes, bruggetjes eigenlijk, van het dorp Sampela. Af en toe ontbreken er planken. Je moet je aandacht erbij houden. Kinderen vallen geregeld in het ondiepe water, verzekert Don mij en bij feestjes, als er gedronken wordt, belanden ook volwassenen in de zee. Hoe de oude, kromgebogen vrouwtjes hun evenwicht kunnen bewaren op de krakkemikkige paadjes is me een raadsel.
Onder de huizen zijn schaduwrijke opslagplaatsen en zelfs een heuse wasserij. We passeren de school, het ziekenhuis, de moskee...alles op palen gebouwd.
Mannen werken aan hun boot, verbouwen wat aan hun huis. Vrouwen zitten samen te babbelen.
Maar ook hier stijgt het water gestaag. Ook de Bajo zijn slachtoffer van de klimaatopwarming. We zien huizen die verlaten werden, want constant onder water, onbewoonbaar. Ze zullen op hogere palen moeten bouwen om het zeeniveau voor te blijven.
Na een lunch van rijst, mie en ikan bakar (gebakken vis) door Ruisa, Dons vrouw, toebereid, varen we nog een keer rond het ganse dorp en zien de recent geïnstalleerde elektriciteitsdraden van het vasteland naar het dorp. Een paar lampen verlichten 's nachts de paadjes. De vooruitgang, ook deze stam kan het niet tegenhouden.
.jpg)
Don haalt ons af met zijn "Zonen Dochters" boot..jpg)
De Chinese motor ..jpg)
.jpg)
Het kleine huisje is echt wat je denkt..jpg)
De moskee..jpg)
Man werkt aan zijn boot..jpg)
Het wassalon..jpg)
Meisjes beïnvloed door TikTok all over the world. .jpg)
Iedereen wil op de foto, liefst met een "wit" gezicht.
.png)
Don en Ruisa serveren ons lunch..jpg)
Met hun dochtertje..jpg)
Sinds onlangs elektriciteit..jpg)
De enige palmboom van Sampela.
Zeilen.
Eindelijk is de wind gedraaid en terug naar Wangi Wangi kunnen we heerlijk zeilen. Wat is dat lang geleden. We zijn het nog niet verleerd.
Inderdaad terug naar Wangi want je gelooft het niet, er komt nog meer slecht weer aan. Het Indonesisch KMI publiceerde een uitleg waarom het nog zwaar regent in het droge seizoen! Het heeft alles met uitzonderlijk warm water en vochtigheid te maken.
Je probeert er dan het beste van te maken en tussen de buien door werken we verder aan ons to-do lijstje. Tony wil het anker behandelen en verven maar een nieuwe bimini lees “kuipafdak” staat bovenaan. Hier kan je de steiger perfect als werkvloer gebruiken. Meten, rekenen, uittekenen, knippen, stikken en weer aanpassen. We zijn er bijna drie dagen zoet mee.
Tevreden met het resultaat plaatst Tony de gootjes onderaan de zijkanten. Een nieuwe regenzone dient zich aan en er moet water opgevangen worden. Zelfs midden in de nacht zitten we water van de bomvolle jerrycans over te gieten in de tank. Je wil toch al dat heerlijke hemelwater niet verknoeien.
Volle emmers en kommen zorgen ervoor dat ik een uitgebreide was kan doen. Met de hand, jawel. Als ik die was nu nog maar droog krijg !
.jpg)
Het canvas kochten we in Nouméa.
.jpg)
Resultaat.
Maar hiervoor kom je naar Wakatobi ! Als het weer meezit, tenminste.