Tony en Jaklien, 60 en 58 jaar oud, als we vertrekken uit Genk.

We dromen ervan een grote zeilreis te maken. 

Doel : de wereld rond, vreemde culturen leren kennen, uitdagingen aangaan, genieten van het samen zijn en van zon en zee. 

Zullen we onze droom kunnen waarmaken? 

De kiem van die droom, de zeventiger jaren. Tony monsterde in die tijd aan bij de Belgische koopvaardijvloot als officier werktuigkundige. De exotische landen die hij toen aandeed,hij wilde er ooit terugkeren ...met Jaklien. 

En langzaam maar zeker werkten we naar intussen 'onze' droom toe. Na ons trouwen, leerden we zeilen met kleine zwaardboten op de plas in Kelchterhoef. We schaften ons een 420 aan en gingen wedstrijdzeilen. In alle weer en wind voeren we. Tony, de stuurman met vaste hand en een oog voor tactiek. Jaklien steevast de fokkemaat, druk in de weer met de spinnaker op de voordewindse rakken, steeds klaar om in de trapeze de boot in evenwicht te houden. 

Maar ons gezinnetje breidde uit. Karen en Bert moesten toch ook mee kunnen varen dus bouwden we een houten kajuitzeiljacht (een Waarschip 570) in onze garage. Echter het Waarschip werd snel te klein en in 1981 kochten we een Trapper 500, 8,5m lang.

Onvergetelijke tochten maakten we met haar. Elk weekend, elke vakantie brachten we aan boord door. Naar Nederland, Frankrijk, Engeland, de Kanaaleilanden zeilden we. Ook bij slecht weer bracht ze ons altijd veilig thuis.

De kinderen maakten internationale vriendjes, verkenden mooie afgelegen strandjes, roeiden urenlang in de bijboot, vingen krabben. Maar vooral, ze leerden te vertrouwen dat, na elke harde, moeilijke tocht met veel wind en hoge golven, er steeds een veilige haven wacht.

Maar we verkochten de Trapper. Reden : o.a. de steeds weerkerende files naar de kust, de veranderende interesses van de kinderen en van onszelf.

Toch bleef de zee en onze droom trekken.

Vooral op aandringen van Karen charterden we nog wel eens een jacht met familie en vrienden en kregen heimwee naar de tochten van vroeger. Uiteindelijk togen we in 2007 op zoek naar een mogelijke vertrekkersboot. Tony's pensioen kwam er immers aan, nu moest het gaan gebeuren. Avond na avond brachten we dus zoekend aan de laptop door .

Uiteindelijk vonden we in Zeeland wat we zochten. Onze Jeanneau Sun Odyssey 42.2 heeft ons volle vertrouwen.

Nu de noodzakelijke extra uitrusting nog en we zijn er klaar voor! 

Maar eerst nog een woordje over onze fantastische kinderen.

                      Karen.                                                Bert en Stefanie.

                                                                                                

 

 

                                                             

 

 

                             

 Karen en Bert, vroeger, tegen wil en dank, matroosjes voor de mast. Nu onze vurigste supporters.

Zelf ook gebeten door de zeilmicrobe, met de paplepel ingegeven, ( Karen 470 zeilster en Bert kite surfer ) kunnen ze zich volledig inleven in onze droom. Meer nog, ze maken er zelf deel van uit. Getuige de zelf geknutselde boekjes die ze maakten op onze reizen, meestal met titels als "De Jakker zeilt naar de warme landen" , resultaat van ons hardop dromen.

Zonder hun morele en praktische steun zou onze reis niet mogelijk zijn, dat beseffen we maar al te goed.

Daarom Kaatje en Bert dank je voor alles en jullie weten het, jullie kajuit is altijd vrij!

***

Ondertussen schrijven we februari 2016. Wij leven nog steeds rustig aan boord met z'n tweetjes (op dit moment in Tahiti). Thuis kwam één en ander in een stroomversnelling.
Karen woont samen met Jean-Marc. Met hem doen ook, Karsten en Leander, hun intrede in de familie.

 

 Bij Bert en Stefanie zorgden twee heuglijke gebeurtenissen voor een verdere uitbreiding. Lyam en Roxie bevorderden ons tot oma en bompa Jakker.

 

 

 

De band met België wordt sterker door die kleinkinderen. Maar zolang ze ons (of wij hen) geregeld bezoeken, kunnen we er mee leven.

 

Immers nog steeds kunnen we rekenen op de volledige morele en logistieke steun van Karen en Jean-Marc, Bert en Stefanie. “Jakkeren” is een begrip geworden. Levensnoodzakelijke, voor ons ter plekke onvindbare spullen, worden opgespoord, besteld en in de persoonlijke bagage meegezeuld naar Jakker. Onvergetelijke momenten zijn dat met die extra bemanning en matroosjes aan boord !