Positie : Bonne Anse (Baie de Prony).

Cycloonvoorbereidingen.
“Vous savez,” lacht Fanny onze bezorgdheid weg, “als je uit het water komt, moet je je twee keer grondig met veel zeep douchen. Daarna poets je je tanden drie keer na mekaar. Zo ben je vrij zeker geen ziekte op te lopen !”
Vervolgens zet ze haar duikmasker op, neemt haar mondstuk tussen de tanden en verdwijnt in het door riolering vervuilde water van marina Port Moselle. Over de bull sharks, waar anderen ons voor waarschuwden, rept ze met geen woord.

Het is half zeven 's ochtends en om zeven uur al verschijnen de beroepsduikers voor een grote pre-cycloon controle van de “aussières” (de lange cycloon-landvasten).
De tijd dringt, Fanny haast zich onze lijnen vast te maken aan de zware ketting op de bodem.
Pas gisteren, na meer dan veertien dagen eindelijk terug in de marina, toen we langsgingen bij de capitainerie, drukte men ons op het hart dat er voor ons nog werk aan de winkel was. Daar bedoelden de vriendelijke madammen niet enkel contracten tekenen en betalen mee. We moeten ook dringend twee lange touwen, 77 m elk en in een welbepaalde hoek vertrekkend van de achtersteven van onze boot, vastmaken aan de ketting die evenwijdig tussen twee steigers op de bodem van de marina ligt. Aldus verzekert men aan alle boten een betere houvast tijdens de keiharde cycloonwinden. 
Voorlopig maak je het andere eind aan de steiger vast. Bij een “alerte cyclonique” moet iedereen die lange “aussières” keihard aantrekken en aan het achtereinde van de boot vastmaken, zo de boot 2 m van de kant trekkend, eveneens los van de catway, zodat alle jachten vrij kunnen bewegen.

Fanny arriveert met de lange landvasten.

Duikster aan het werk.

Deze lijnen moeten strak aangespannen ingeval van een cycloon.

Probleem : lange lijnen van 18 mm doormeter zijn, door de grote vraag van het ogenblik, quasi onvindbaar in Nouméa. Wat nu?
En dan komt duikster Fanny op de proppen. Ze wil ons wel helpen voor een “zacht” prijsje.  Ze weet splinternieuwe landvasten (450 €) op de kop te tikken. Na een half uur is het zaakje aan de ketting bevestigd. Op de bodem moet het een warboel zijn van touwen over en onder elkaar.
Het officiële controleren neemt een voormiddag in beslag. Touwen die in een knoop zitten moeten ontward, een touw dat half doorgesneden is dient opnieuw aan elkaar gesplitst. Eén van Jakkers touwen moet opnieuw bevestigd, de hoek die het touw met onze achtersteven maakt blijkt niet wijd genoeg.
Wat een gedoe. Wij kijken toe, moeten af en toe een touw bijtrekken. Pas rond het middaguur verdwijnen de duikers tevreden van het toneel.  Onze ponton des visiteurs is klaar voor het orkaanseizoen.
Sinds 15 jaar (Erica 2004) raasde er geen tropische storm meer over Nouméa. Laten we daar minstens nog een jaar aan toevoegen.

Proviand.
Eigenlijk kwamen we terug naar Nouméa voor proviand en dan vooral om onze verse groenten- en fruit voorraad aan te vullen. Ettelijke sjauwtochten naar markt en supermarkt later is alles weer bijgevuld. Nooit gedacht dat onze reis voornamelijk zou bestaan uit boodschappen doen over de hele wereld, in de meest diverse “winkels”, van blitze supermarkten tot winkelhokjes achter tralies, de naam winkel amper waardig.
We zijn zo langzaam experts in hoeveel je met twee personen, twee rugzakken en een aantal tassen over pakweg een kilometer naar de boot kan meeslepen.
In NC waar Casino en Champion uitpuilen van bijna vergeten lekkere dingen komen we altijd nog wat zwaarder beladen thuis. Wat dacht je van bastogne koekjes, verse zuurkool  en worstjes, brie, speculaaspasta, Leffe blond enz enz.

Ook bootaankopen zijn dringend aan de orde. Marine Corail en Speed Marine, aan de overkant van de haven, blijken de eerste échte watersportzaken "zoals bij ons", sinds Papeete. Elke maand worden ze verwend met een vrachtschip vol bootspullen uit Frankrijk. Lang uitgestelde aankopen (o.a. brandblusser) moeten nu maar eens eindelijk gebeuren. Een hele hap uit ons budget. Tony vindt eindelijk de buisjes en kraantjes om ons lekkende kraan probleem op te lossen en werkt een ganse dag, dit keer met de “pet van loodgieter” op.

Loodgieter aan het werk.  Voor ...

en na.  Zie rechts de drie nieuwe doorschijnend plastiek buisjes en kraantjes.



Nouméa raakt stilaan in kerstsfeer. Getuige een feeëriek verlichte Place des Cocotiers
Onze Belgische buur vertrekt met zijn pas gekochte schip Onyx naar Australië voor een proefvaart.
Ook wij willen er weer op uit. Varen helemaal zuid-oost naar Baie de Prony (30 M) waar ontelbare ankerplekken en wandelingen te verkennen zijn.

Wandelen.
Eerste stop : Ile Casy. Er woonden ooit Kanaken van het nabijgelegen eiland Ouen. Ze bleven er niet zo lang want de bodem zit (zoals op veel plekken) vol natuurlijke, zware metalen, het hier geteelde fruit en groenten dus ook. Van het kerkhof schiet niet veel over. De allereerste loods-kapitein is er begraven. We genieten van de wandelingen doorheen de jungle en op de kale, geërodeerde top van het eiland waar we onze bootsnaam achterlaten tussen de vele anderen. Een beetje als je naam schilderen op een kademuur. Bert en de kinderen deden dit op Tenerife.

Jakker wacht beneden op ons.

Onze naam tussen de velen.



Een enthousiaste Frans Nieuw-Caledonische zeilster stuurt ons naar een volgende verlaten baai : Baie Majic. Met wandelschoenen aan onze onwennige voeten vatten we de klim aan naar het observatie centrum voor de walvissen en de vuurtoren N'dua. Walvissen zijn er deze tijd van het jaar niet. Maar we zien Ile des Pins in de verte.  Onze volgende bestemming?

De vuurtoren wijst sinds midden 19de eeuw, en nog steeds, de weg naar en van Havannah kanaal, de ingang tot de lagune van NC. De prachtige weg door jungle en over sterk beschadigd vulkanisch terrein moesten de vuurtorenwachters vroeger elke dag afleggen om het licht te gaan aansteken. Opvallend, de rode aarde die je schoenen vuurrood kleurt.  Rode aarde die nikkel, chroom, kobalt, ijzer bevat. Vlug afborstelen anders krijg je de vlekken niet meer weg.

Vuurtoren N'dua.

Observatorium walvissen.

 

Additional information