In Kuna Yala zijn de Kuna de baas, natuurlijk. Maar...een heel klein beetje is San Blas ook het Mallorca van de Amerikanen. Wij hebben het gevoel dat meer dan de helft van de zeilers hier van de States komt. En dat zal je geweten hebben. Op de marifoon hoor je hen "hailen" (lees "oproepen") naar mekaar, de ganse dag door.

Het zijn ook de Amerikanen die, tien jaar geleden, het weliswaar internationale, "Panama Connection Net" startten. Elke dag om 8u30 hoor je op de ssb 8.107 Mhz USB de laatste roddels, weerberichten, info over alles en nog wat. We doen er soms wat lacherig over, maar het is een pracht van een manier om snel up-to-date info te krijgen, in een land waar iedereen van "toeten noch blazen" weet en je een dagtaak hebt aan het uitzoeken van dingen.

Op het net gaat het van :" Geef geen vuilnis mee met de Kuna's, want ze gooien het vaak zomaar in de mangroven" tot "Wat te doen als je gestoken bent door een Portugees Oorlogsschip (die de laatste dagen al vaak gespot zijn!). "
Zelfs "De gouden raad van tante Kaat" rubriek over het bestrijden van bijvoorbeeld schimmel en rare geurtjes in de kasten of het wassen met ammoniak, ontbreekt niet.

Iedereen kan zich melden en zo komt het dat je mensen en boten al kent voordat je ze echt in levende lijve ziet. Erg grappig. Zo maakten we gisteren tijdens het happy hour @ Elefante, kennis met Rob en Andy van Akka. Het was erg gezellig en nu weten we precies hoe het zit met die twee "Akka" boten, eentje uit het oosten en eentje uit het westen van de US.

Wat doen we dus vanavond? Juist, we halen de vriendschapsbanden aan met Noord-Amerika. David (Rewa) en Pat en Coline (Cool Change) komen voor een sundowner en een gezellige babbel.

Met David hebben we een speciale band. Wij ontmoetten hem voor het eerst in Santa Marta. Van het één kwam het ander en kijk, nu is zijn dochter, Tessa, voor een speciale duikcursus helemaal naar Belgiė gereisd, naar Karen en Jean-Marc.
De wereld wordt alsmaar kleiner.

 

13 februari 2013
Lekker zeilend bereiken we de uiterste westpunt van de Holandes Cays.
Het ganse traject kan je rakelings langsheen het rif varen. De lagunes toveren bij dit scherpe zonlicht hun mooiste kleuren te voorschijn. Je kan je dat thuis amper voorstellen. Kan water zo fluo groen zijn? Zo diep blauw? Wij raken er nog steeds niet op uitgekeken.

Als we de ankerplek naderen, verrast het eilandje Waisaladup ons. Een sterk oplopend wit strand, als een duin. De lange strook groene palmbomen . De baai met doorzichtig water. Kan je het geloven, dit voelt bekend aan? Ja, nu weet ik het. Ik moet aan de Molse Meren denken.
De Kempen...exotisch...ik heb het altijd geweten.


14 februari 2013 : Valentijn dolfijnen.
Maar dolfijnen zwemmen in Mol niet rond.
Hier zien we ze wel, plots, een eind achter Jakker. Ze nemen hun tijd. Draaien rond elkaar.

De snorkelspullen liggen nog in Jak. Hup, in dat bootje en er achteraan. Ze komen naar ons toe. Zwemmen en duiken rond de dinghy. Het motortje schijnt hen niet te storen. Vlug laten we ons in het water glijden. Maar dat vinden ze niet zo leuk. Ze duiken onder ons. Prachtig om zien. Draaien op buik en rug. Komen even dichterbij kijken om dan weer weg te flitsen. Die jongens hou je echt niet bij. Ze verdwijnen into the blue. Komen nog een paar keer terug. Machtig! Gek, de beelden zijn zo vertrouwd...van TV?

16 februari 2013 : Lekkere vis.

Er zit hier ook meer vis in zee. Vandaag, eindelijk, vangen we er weer eentje. Een Little Tuna. Ik ken de Nederlandse naam niet.
Steeds als we zeilen, zet Tony meteen de lijnen overboord. Maar de laatste vis van enige afmeting ving Karen in december. De kleine makreeltjes die je op de ankerplek bovenhaalt, tellen we even niet mee.
De "kleine tonijn" hapte toe op een wel erg vervelend stuk water. Een open passage tussen riffen waar de Caribische zee binnenstroomt. Natuurlijk, hier leven deze vissen. Hoge dwarsgolven maken dat we ons amper kunnen rechthouden in de kuip. Een vis binnenhalen en van de haak plukken zonder dat hij terug in het water plonst, een kunstje op zich.
Maar nu zitten we, aangekomen in East Lemon Cays, lekker te smikkelen van ons zelf gevangen en gefileerde maaltje. Het leven is mooi.

 
Straks nog een stukje "zelf opgeraapte kokosnoot" als dessert. We weten het wel. Je mag geen kokosnoot meenemen. Elke noot, aan de boom of op de grond, is eigendom van een Kuna indiaan. Maar op dit ruige, onbewoonde eiland liggen zoveel noten, die komen ze blijkbaar niet ophalen ? Shht, niet verder zeggen.

 

De webmaster / dochter hier... binnenkort moet de software die de Jakker website in de lucht houdt, een drastische upgrade ondergaan. Ik ben er zelf nog niet achter of deze layout behouden zal kunnen worden.

Niet verschieten dus als je de komende weken stuit op een pagina die er anders uitziet, en de website zal misschien ook korte tijd onbereikbaar zijn. Ik doe mijn best om de overgang vlot te laten verlopen.

Groeten

Karen

 

Toen we in december de Holandes Cayos bezochten met Karen en Jean-Marc zijn we hier niet echt een kijkje komen nemen. Dat maken we nu goed.
De Swimming Pool. Je kan voor dit stukje paradijs echt geen betere naam bedenken.
Het anker ligt op 3 m diep (ondiep is dat eigenlijk) in wit-wit zand. Het kristalheldere water blikkert lichtblauw, als zwembadwater, in de felle zon.
Het stroomt er ongemeen hard want de enorme zwembadladingen water die door de machtige branding over het rif worden geworpen, moeten weggevoerd. Ergens heen. Liefst langsheen onze boot. Het kolkt en bruist, kabbelt en ruist. Ook 's nachts klinkt het alsof we zeilen.

Roggen...
Vlakbij heb je de fameuze stroomversnellingen, kanalen waar het water doorgeperst wordt. Ik vertelde er in december al van.
Telkens opnieuw willen we de driftsnorkeltoer doen. Helemaal aan de zeekant, bij het begin van het kanaal springen we in het water en met Jak aan onze arm laten we ons gewoon meespoelen. Dit is Roggenlaan. Amerikaanse pijlstaartroggen bij de vleet. Je spot ze als een soort ouwe, zwarte lap in het water. Zo, met hun zwarte rok wervelend, bewegen ze zich ongelooflijk snel door het water.
Een kleine Jamaïcaanse pijlstaartrog poseert even voor de camera alvorens weg te stuiven.


Amerikaanse pijlstaartrog

 

en roggen.
Ook de tunnels vinden we nog terug. Hier stikt het van de verpleegsterhaaien. Maar het water staat er erg laag. Zuurstofbelletjes van de donderende branding belemmeren het zicht. Maar er zit veel vis en we kunnen twee "echte koeneusroggen" (ja, zo heten die beesten) gadeslaan die majestueus bochtend door het water klapwieken. De foto's zijn niet scherp. Jammer.

Maar de koning(in) van de Caraïbische roggen zwemt gewoon onder Jakker. De Gevlekte Adelaarsrog. Prachtige, ellenlange staart en dat mooie vlekkenmotiefje op zijn rug. Zo wil ik wel een jurkje.

Gevlekte adelaarsrog

Goed, hé, alle hier voorkomende roggen gespot, op één dag.

Om af te sluiten krijgen we nog een circussprong van een adelaarsrog tijdens het ontbijt. Met een perfecte boog springt hij hoog uit het water. Roggen en andere vissen (ik noem ze "boogvissen") springen vaak op uit het water, daar kijken we al niet meer van op, maar zo dichtbij...waw.
Verwend? Wij?

Met een blij gevoel lichten we het anker en verlaten, wat wij voortaan noemen : Roggen pool.

 

 

Smullen.
"...y biftec !" Met een trotse glimlach kijkt het meisje van ons favoriete eettentje in Narganá (Yandup voor de Kuna) ons aan. Vandaag heeft ze niet enkel pollo, pescado en pulpo op het menu. Tony kijkt wat bedenkelijk. Biefstuk?! Maar ikke...jippie, doe maar voor mij.
Wat later zit ik te smikkelen van een soort beef stroganoff. Zelfs de frietjes kunnen ermee door. Lekker!
Nooit gedacht dat ik nog eens zo naar vlees zou snakken. Komt ervan. Altijd kip, vis en langoesten. Een mens wordt dat beu.

Oranje boot.
Bij Nederlander Johan en zijn Spaans vrouwtje, Silvia (Alea) sluiten we de avond af. Ze zijn al meer dan een jaar in Kuna Yala. Kennen veel verhaaltjes. Over het traditionele dorpje in het oosten waar ze een cruiser met stokslagen buiten joegen omdat hij rum dronk in het openbaar. Of waarom de saila (=chef) van Narganá de waterleiding niet laat herstellen? In dat geval zouden de Kuna niet meer met bootjes water moeten halen op de rivier en gaan ze ook niet meer op hun veldjes werken langs diezelfde rivier. Goed gezien van de chef.
Ons gesprek gaat in 'd Engels. De taal die we allevier begrijpen.
Morgenvroeg varen ze weg. Zullen we hun oranje boot vlug weerzien?

Kuna legend.
Nederlands hebben we wél nog kunnen spreken met Wim en Mathilde (Lonely Planet). Laatst gezien in Santa Marta. Ook zij hebben een (zelf meegemaakt) verhaaltje over het intussen bij cruisers bekende ouwe mannetje. Heel charmant en grappig. Eén tand rest in zijn mond. Hij komt langszij met zijn wankele bootje en weet cruisers te charmeren, belooft fruit en kip voor je mee te brengen als je hem geld geeft. Wat had je gedacht? Je ziet hem niet meer terug. Ontmoet je hem in de dorp dan vertelt hij hoe hij met zijn uitgeholde ulu omkiepte en al het lekkers in het water verdween. Dikke pech.

Weg uit Narganá.
Wij houden het hier in Narganá ook voor bekeken, toch nadat we onze boot weer volgeladen hebben met het "beschikbare" fruit, brood en eieren.

Twee dagen en nachten ankeren we midden tussen de vier eilandjes van de Coco Bandero Cayos. Droomvakantie decor 360° rondom. Zwemmen wanneer we willen, wat wandelen op het piepkleinste strand. Paradijs. Maar het water is er erg onrustig. Morgen trekken we verder naar de Cayos Holandes.