David en Goliath!

 

 

P5121722 (Medium)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Caribe Pearl.
Caribe Pearl, zo heet ons nieuw buurvrouw(schip) in Barahona.
Groter nog dan het vorige. Meer lawaai ook. Twee kranen lossen steenkolen voor de suikerfabriek. 24 uur op 24. Als de portaalkranen heen en weer rijden, klinken er waarschuwingssignalen. Je kent dat wel, zoals bij een achteruitrijdende vrachtwagen, twintig keer luider, vooral 's nachts.
Het stof waait grotendeels van ons weg. Gelukkig.

Voor dat schip hebben ze ons vanmorgen om 6 u uit bed gehaald. Ook de drie boten bij de Clubo Nautico moeten even naar "buiten". Als die grote, met de hulp van een sleepboot, in deze kleine vijver gaat maneuvreren, willen ze ruimte. Er gebeurden al ongelukken in het verleden.

Kapotte dingen.
Rond 10 u liggen we terug op ons plekje en is er tijd om...te klussen. Ja, alweer stukken aan boord. Bij de laatste trip zakte ons cardanisch opgehangen gasfornuis, door die ophanging. Dat zware ding hangt nu scheef tegen de wand. Ik ben er volstrekt gerust in. Zelfs als Tony bedenkelijk kijkt, "Da's een moeilijke", mompelt en, "of ik dat gefikst krijg?" Zelfs dan heb ik het volste vertrouwen. En zie, een uurtje later schommelt het fornuis weer mooi mee met de bewegingen van de boot. Ik kan weer koken. Hersteld op Tonykes manier, met bout en twee moertjes!
De knop voor de oven is vorige week ook vervangen. Te laat merkte ik dat de oven niet warm genoeg meer was. Het brood heb ik toen gebakken met het vuur op halve kracht. Dubbel zo lang, dus. Eén keer in de oven kan je brood niet meer vragen te wachten tot de oven is afgekoeld (om eraan te werken) en dan weer opgewarmd. Je merkte het verschil niet...

Nog meer stukken : de schroef van het Honda-motortje slipt. Hoeveel gas je ook geeft, enkel lawaai, geen beweging voor- of achteruit. Ook hier brengt een bout, die de geperste bronzen bus in de aluminium schroef terug vastzet; soelaas. Tony zegt het duizend keer : "Goed dat ik zoveel gereedschap (draadtap, boren, kleine werkbank enz. enz. ) meeheb en honderden schroeven en moeren". Toekomstige vertrekkers, nooit heb je teveel gereedschap, reserve-onderdelen, filters allerhande en olie aan boord !

Het lijstje wordt nog langer : dichting van toilet vervangen, 's morgens om 6 u in de mast om een nieuwe windindicator te plaatsen en het "tuig" te controleren...Verstandig nu we al twee boten kennen met mastbreuk hier in de Carieb.

Pits.

De verkiezingsgekte gaat hier in Barahona intussen gewoon door. Vandaag zien we een lange motoconcho-stoet met witte T-shirts van Dr. Henry alias Papá. Ongehoord bij ons : een tweedekker acro-vliegtuig (Pits), met zijn naam in duizendvoud, geeft een airshow boven zee en Malecón.

Zweet en regen.
De soldaat, op wacht bij het dock waar we onze Jak achterlaten als we de stad in gaan en die bij buiten- én terug binnenstappen onze rugzak controleert, voorspelde het al. Het is zó vochtig-heet, zweterig weer, daar komt regen-lluvia van.
Dus vannacht, toen het heerlijke gekletter aan dek begon, op om de buizen en jerrycans van ons regen-opvang-systeem te installeren. 65 liter! 20 liter verspeelden we toen één tuinslang mét jerrycan overboord waaide...

Maar met die regen zijn ook de muggen reuzenblij. We smeren ons in, hangen voor alle openingen muggengaas...maar zitten ons toch tot bloedens toe te krabben. Zijn het beten van muggen of no-see-ums? Had ik op die plek al een beet, of is dit een nieuwe? Prangende vragen, die er verder totaal niet toe doen.

Laat Boca Chica alsjeblief niet zo een muggenparadijs zijn!


 

P5121720 (Medium)

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

 

 

 

 

 

 


Cybercafé.
Het is middag voor ons. Thuis 18 u. Gewapend met koptelefoon, lopen we door de withete straten naar het cybercafé.

Vandaag, op de dag dat ze twee maand wordt, zien we Roxie voor het eerst (skype) "life".
Wat een meid : donker punkhaar (nog steeds), donkere, wakkere oogjes, een mondje als dat van Lyam met een voorzichtige smile.
Grote broer Lyam (mét een rood, gekneusd oortje van het vallen in de créche) beseft nu al veel beter wat hij ziet op het beeldscherm. Stapt heel gedecideerd (dat stappen is ook een primeur voor ons) op zijn blokkendoos toe en komt vlakbij het scherm zijn mooiste blokken tonen aan oma. Schattig.
Dat skypen schudt een mens flink door elkaar, hoor. Plots sta je weer buiten in dat keiharde licht, je beseft hoe ver je van huis bent. Is dit wat je wilde?
Maar kop op, Jaklien, nog 19 keer slapen en dan zijn ze hier. Intussen troost ik me met foto's en filmpjes van hen.

Winkelstad.
Nog een half uur rest ons om met grote kinderen Karen en Jean-Marc te praten, daarna brengen we een bezoek aan de supermercado.
Wat een verschil met Cuba. Hier moet/kan je weer kiezen uit zoveel verschillende merken voor één artikel. Overvloed en chaos. In Cuba had je in één blik in de dollarwinkel alles in je opgenomen. Rayons met stapels en stapels van één en hetzelfde yoghurtpotje bijvoorbeeld. Gewone mensen kunnen in de DR wél exotische dingen als deodorant en zeep kopen én biefstuk, in Cuba verboden voor het volk. In Cuba zijn dan wel de basisbehoeften van alle mensen door de staat gegarandeerd (als ze tenminste dagelijks lange rijen trotseren om daar aan te geraken). Ook onderwijs en gezondheidszorg zijn gratis. Waar heeft juan-met-de-pet het het best?

Barahona stikt van de winkels. Een beetje als Hasselt. Alle mensen van hier tot de Haïtiaanse grens komen er shoppen.

Danilo Presidente.
Als we de Malecón naderen, dreunt ons hele lijf van de alles overheersende merengue en bachata muziek. Er is een optocht voor één van de presidentskandidaten. De hele stad lijkt mee te doen. Rijkelijk vloeit het bier en de rum. Lawaai en opgedirkte meisjes, da's wat wij ervan onthouden. Ik snap nog steeds niet hoe ze bij deze temperatuur in zulke spannende jeans kunnen rond paraderen. Zit hun royaal achterwerk daar voor iets tussen?

Comments.
En dan zijn er de comments op de blog. Je ziet, ooit kan ik ze wel lezen. Heel erg bedankt allemaal om te reageren. Ga maar gewoon zo door.

Dank je voor de gelukwensen bij de geboorte van Roxie.
Dank je voor de complimentjes over de blog.
Dank je, Ton, voor jouw reactie. Jakker/Shamrock ziet er inderdaad nog steeds prachtig uit, net zoals we ze van jouw overnamen.

Lydia, jouw vraag over ons leesmateriaal. We lezen alles wat we in handen krijgen en dat in vier talen;-) In elke haven, op elke ankerplek is er wel ergens een boekenplank waar zeilers hun uitgelezen boeken droppen. Ik kan daar nooit zomaar aan voorbijlopen en vind altijd wel iets naar mijn gading. Leuk is ook dat vorige lezers hun naam of stempel erin zetten. Vaak zijn dat bekenden.

We hebben sinds vorig jaar een Nook e-reader, dé uitvinding voor leesgrage zeilers. Heel prettig lezen overigens. Als ik je vertel dat je soms echt de bladzijde wil vastpakken en omslaan. Zo vergeet je dat je slechts een "leesplankje" vast hebt. Maar feit blijft, niks kan tippen aan het in je handen koesteren van een, liefst heel dik, nieuw boek!

Dan is er nog de dame die toevallig via "ackees" op de blog terecht kwam en mijn beestjesverhaal las. Dat de beestjes in de zon tevoorschijn kruipen, hebben we intussen ook ontdekt. Bloem, pasta, suiker en dergelijke verpak ik nu in aparte dozen. Alles in de koelkast is de beste oplossing in de tropen. Maar onze reuzenkoelkast is hiervoor net niet groot genoeg.

PS: webmaster Karen is 2 weken in verlof, het zou kunnen zijn dat de tekstjes wat trager worden gepost. Hangt ervanaf hoeveel zin we hebben om een internet café te zoeken.....

Kaap.

Eindelijk, eindelijk hebben we ze dan toch verdiend, die iets rustiger tocht. Als we eraan beginnen om 6 u 's morgens, lijkt het weer niet te zullen lukken. Vooral rond Cabo Beata spookt het aardig. Maar wat had je anders gedacht bij dit meest zuidelijke punt van Hispaniola ( Haïti en Dom. Rep. tezamen) dat een flink eind de Caraïbische Zee insteekt? Elke zeeman weet dat je bij kapen steeds op je hoede moet zijn, ze zo ruim mogelijk moet ronden. Zelfs landrotten kennen de reputatie van Kaap de Goede Hoop en andere Kaap Hoorns!

Maar één keer die "kaap genomen", worden de golven stilaan minder stijl en hoog. De wind neemt zelfs zo erg af dat zeilen geen zin heeft. Onze voorraad diesel wordt dus weer aangesproken en pas de laatste 5 mijlen kunnen we voor de wind de Bahia de Neiba binnen stuiven.

Vissers.

We krijgen alle tijd om die mooie, ruige zuidwestkust van de Dom. Rep. te bewonderen. De bergen lopen op vele plekken gewoon ín de zee, af en toe is er een strandje, een klein dorp. Opletten voor kleine vissersbootjes en de plastic flessen-boeitjes die ze overal uitgooien.

Als we rond 16 u mooi tussen de rode en groene boeien Barahona binnenlopen, is het flink beginnen regenen. Vóór ons een klein baaitje : aan één kant mangroven, aan de andere kant een groot vrachtschip, afgemeerd aan de kade. Moeten we hier ankeren? We checken snel onze gratis, digitale gids van Frank Virgintino. Inderdaad, klopt. Naar beneden maar met dat anker.

Machete.

Hoe lang zou het duren vooraleer de officials hier zijn? Nog even tijd voor een krentenbroodje? Snel dan maar. Daar klinkt al geroep en gefluit. Op de militaire boot naast het vrachtschip staan twee jongemannen breed te gebaren : "Dinghy in het water!!!! Ons komen halen". En dan doe je dat braaf.

Het is zondag en wij vrezen dat ze een flinke "overtime fee" zullen vragen. Niks van dat alles. Twee zo een vriendelijke, goedgemutste officieren hebben we nog nooit aan boord gehad. Bijna terloops schrijven ze de gegevens van boot en bemanning op. Eentje moet weer "kastjes neuzen", weet Tony's machete (uit Kongo) en baseball knuppel aan zijn kant van ons bed te vinden, maakt er grapjes over. Zo gekscherend, gaat hij nog even verder en voor we het weten, staan ze alweer buiten. O ja, we moeten 73 dollar betalen voor boot en twee toeristenkaarten. En 10 dollar voor het doorzoeken van Jakker. We hebben geen gepast geld. "Ningun problema! Kom maar mee, captain," achter op de motor naar een ATM machine, een pin-kastje in de muur.

Een half uur later is Tony weer terug met meer info over de stad en een vijftal muggenbeten opgedaan in het kantoortje van immigraties.

8 mei 2012 : Bachata en motoconchos.

Lang geleden.

Zowat 16 jaar geleden maakten we al eens een backpacker reis doorheen de Dom. Rep.

Toen logeerden we een week in Barahona. We kennen de stad dus. Zou ze erg veranderd zijn? Dat gaan we nu uitzoeken.

Nat.

Kletsnat komen we bij de steiger van de Commandancia (het havenkantoor) aan. Jakker ligt dan wel in vijverkalm water. Maar als je naar die steiger wil, dichtbij de stad, moet je een stuk open zee oversteken. Jak, onze Avon, is bepaald niet bekend om zijn spatvrije eigenschappen, elk golftopje "klatcht" met een frisse wind gewoon in het bootje en op de bemanning. Mijn bikini is kletsnat, een droog T-shirt eroverheen helpt ook niet echt. Eerst loop ik er als een mislukte miss wet T-shirt bij , later tekenen er zich al drogend grote witzouten plekken af.

Hotel met herinneringen.

Maar kom, op zoek naar ons hotel van toen. We wuiven de ijverige "motoconchos" (motortaxi's), die ons geen stap te voet willen laten doen, vriendelijk weg. Langs de Malecón (de dijk) lopen we er zo heen. Het bestaat nog steeds. Hotel Guarocuya. Het lage, lange gebouw, aangenaam fris door de grote open ramen aan beide zijden. Als het meisje aan de receptie blij verrast ons verhaal hoort, biedt ze aan nog eens te kamer te zien.

Op zoek naar de bank komen we voorbij een terras. De bachata muziek lokt ons dichterbij. Hoewel het nog niet eens middag is, zitten mannen al aan hun Presidente biertje. Wij houden het bij cola en genieten van het langzame ritme van de bachata, tegenhanger van de supersnellle merengue. Ontstaan in de boerengemeenschappen, werd er vroeger in de stad laatdunkend over gedaan. Nu heeft de bachata het tot populairste dansritme in de Dom. Rep. geschopt.

In de bank raken we vlot aan Dominicaanse pesos. Het meisje achter de balie, lacht plots erg breed : "Jacqueline" staat op haar badge, ook de officiële schrijfwijze van mijn naam.

Internet & blogs.

Volgende doel : het cybercafé. Voor minder dan 1 euro mogen we een uur surfen. Lijkt lang, maar als je meer dan 2 maand achter bent en in je inbox 75 ongelezen mails vindt...

De hokjes zijn donker en warm. We foeteren op dat stomme querty toetsenbord en tarten de muggen met onze met "Off" ingesmeerde armen en benen.

Terwijl ik mails beantwoord, probeert Tony zoveel mogelijk vriendenblogs te lezen. Ik hoor constant : "O nee " en " Niet te geloven" en krijg in het naar huis lopen het verslag.

Frank (African Seawing) overvallen in Colón. Nadien mastbreuk van de African Seawing in de buurt van Key West. Baros ook mastbreuk. Zeevonk vanuit St. Maarten naar de Azoren vertrokken, na drie valse starten. Veel regen en slecht weer. Angelique (inmiddels ook in St. Maarten) benzinetank van dinghy gestolen.

Zijn ze eigenlijk te benijden die zeilers ver van huis?

Vreemd.
Mijn grootste plezier op reis beleef ik altijd als ik me "vreemd" voel. Dat was al altijd zo. Op een markt aan de rand van de woestijn in Oman. Op een pleintje in Olantaytambo, Peru, tussen praatzieke schoolmeisjes. Bij knielende gelovigen tijdens de Semana Santa in Mexico.

De plekken waar we nu komen, dat is nog andere koek. Terwijl de DR het meest door toeristen bezochte eiland van de Carieb is, komen hier op Isla Beata enkel, af en toe, wat "yachties".

Iguanas.
Hier voel je je niet enkel prettig vreemd, maar vooral ongemakkelijk gluurderig.
Als we namiddag aan land gaan, liggen de meeste vissersbootjes aan de kant. De vissers zitten voor hun schamele, golfplaten hutjes. Ze spelen een damspel, boeten netten, gaan brak water halen bij een soort waterput, wassen hun sjofele kleren. Iedereen zegt vriendelijk gedag. We zijn welkom. Ja, er is een paadje naar het strand aan de andere kant. We moeten vooral naar de grote iguanas gaan kijken. De grote leguanen, echte monsters en dinosaurus look-a-likes. Ze zijn bang voor ons, moeilijk te vinden tussen de doornige struiken, nog moeilijker te fotograferen.

Conch.
We lopen onze teenslippers kapot op vlijmscherpe kalkstenen uitsteeksels. Het is de enige manier om over deze gatenkaas kalkbodem te wandelen. Zeewater en zuurhoudend grondwater lossen de kalksteen op en zo ontstaat dit ruwe terrein.
Dan staan we plots bij een veld "conchen", grijs geworden van ouderdom. Hoe lang al gooien de vissers de schelpen van de smakelijke "Queen Conch" hier bij elkaar? Die "koninginneslak", een bedreigde diersoort, ondanks of net omdat er in de ganse Caraïben jaarlijks honderd miljoen van die schelpdieren geoogst worden. Lang voor Columbus arriveerde was dit al het belangrijkste voedsel in het Caraïbisch gebied.

Center Parks.
Ook onder water is Isla Beata prachtig. Vooral voorbij het palmenstrand van de vissers, waar grote rotsblokken in zee gevallen zijn. Onze Jak blijft perfect liggen in een rotsbassin terwijl wij de omgeving verkennen. Het lijkt wel een reuzenaquarium, de zon schijnt in holten onder de rotsen waar grote doktersvissen zwemmen. Je kan onder water naar weer een volgend bekken. Scholen piepkleine visjes schieten onder je door. Dit is Center Parks in het echt.

Tevreden met weer een aparte ervaring erbij, varen we huiswaarts. Daar hebben we gezelschap gekregen van Ti-Corail, een Franse catamaran, laatst gezien in Cienfuegos. Ook deze mensen komen uitrusten na de woelige tocht hierheen. Dan genieten we maar alleen van een schitterende lang gemiste green flash.

Morgen naar Barahona?

Paradijs.

Dit paradijsje kan je je thuis gewoon niet voorstellen. Het witste strand "ever", kristalhelder zwembadwater, cactusachtige ruige planten, krabben, plevieren...en wij tweetjes de enige mensen op dit 20 km lange strand, bezig met onze avondwandeling. Wat zouden Henk en Joke van Zeevonk hiervan genieten. Was het Grand Anse strand in Grenada ooit ook zo? Alle stranden in de Caraïben?

Als we ook nog de sporen en grote gaten gemaakt door schildpadden ontdekken, zien we dat als een beloning voor ons gejakker hierheen.

Ons vakantiegevoel is compleet.

Frigobox fiesta.

Tijdens het voorbije weekend deelden we dat strand nog met minstens duizend frigoboxtoeristen, hierheen gebracht door vissersbootjes, vanuit het verre dorpje La Cueva. Vooral Dominicanen, een enkele rugzaktoerist, de Lonely Planet volgend. Geen probleem overigens, al die mensen, er is ruim voldoende van dat papegaaivissenstront-zand als wit bakmeel.

We zijn absoluut in een andere cultuur dan in Cuba. Gezinnen, groepen vrienden, staan in een grote of kleine kring in het water. Praten, roepen, zingen. Allen een plastic bekertje in de hand. Het bijvullen gebeurt om de haverklap, uit joekels van koelboxen waar wij met z'n tweeën makkelijk in kunnen verdwijnen.

Kopen kan je hier niks. Alles wordt meegebracht en bij zonsondergang is het strand weer aan de krabben. Net zoals op weekdagen.

Radio.

Ook op vakantie moet men eten dus sta ik vroeg op om brood te bakken. De hitte van de oven is 's morgens net iets beter te verdragen.

Dan, om half negen, radioverbinding met Opitter. Het is lang geleden en Tony-ON6TM, klinkt erg zwak, maar we herkennen zijn stem. Geweldig toch, zovele duizenden kilometers van huis. Plots horen we nog enkel geruis en is het afgelopen met de fun.

Duiken.

Kan een mens zo moe zijn van een half uurtje duiken? Ja, dus. Maar het was erg leuk vanmorgen, de omgeving rond Jakker heel mooi en gevarieerd. Prachtig koraal, de grootste blauwpaarse zeewaaiers ooit en sponzen. Ontelbare, vooral kleinere visjes. Het minder goede nieuws : minstens tien vraatzuchtige "lionfish". Ze verpesten ook de Dominicaanse wateren. Volgens kenners is er slechts één manier om hen te verslaan : deze jager zelf massaal als delicatesse gaan serveren en oppeuzelen.

Passaat.

En dan is er de wind. Die blijft waaien. Niet aflatend 6 bf. De passaatwind. Wind die volgens de voorspellingen nog minstens een paar dagen zal aanhouden. Ook daar word je moe van, van het geluid in je oren de hele tijd, zodat je af en toe naar binnen vlucht.

Met die wind verlaten we woensdag de Baai van de Arenden, Bahia de las Aguilas. Deze droombestemming, toegevoegd aan ons lijstje van hot spots.

Op het programma opnieuw : bonken tegen golven en wind. Maar we gaan snel en laten 's middags het anker vallen vóór het vissersdorpje van Isla Beata. Jakker en wijzelf nog maar een keertje overdekt met een zoutlaagje.

Je kan hier niet inklaren in de Dominicaanse Republiek, maar er is wel een post van de Marina de Guerra.

Kastjes neuzen.

Vissers brengen de militair aan boord. Noteren van onze gegevens in een soort kladschriftje, kastjes binnen allemaal openmaken en controleren...we kennen het scenario. Leuke job voor nieuwsgierige man, neuzen in de kastjes van die rijke stinkerds met hun zeiljacht. Interessant wat die bij zich hebben!

Ondertussen vraagt de captain van de vissersboot iets te drinken. Nee, geen cola, liever ron. En of ik iets heb om pijn te kalmeren. "Misschien helpt het om niet zoveel rum te drinken, amigo". Vooruit, ik kan nog wel een stripje paracetamol missen.

Officieel ingeklaard in de Dom. Rep. zijn we nog niet, maar we mogen toch aan land. "Blijf rustig zolang hier op anker liggen tot jullie verder willen zeilen naar Barahona. Maar hou je radio op standby op kanaal 16!"