Vreemd.
Mijn grootste plezier op reis beleef ik altijd als ik me "vreemd" voel. Dat was al altijd zo. Op een markt aan de rand van de woestijn in Oman. Op een pleintje in Olantaytambo, Peru, tussen praatzieke schoolmeisjes. Bij knielende gelovigen tijdens de Semana Santa in Mexico.

De plekken waar we nu komen, dat is nog andere koek. Terwijl de DR het meest door toeristen bezochte eiland van de Carieb is, komen hier op Isla Beata enkel, af en toe, wat "yachties".

Iguanas.
Hier voel je je niet enkel prettig vreemd, maar vooral ongemakkelijk gluurderig.
Als we namiddag aan land gaan, liggen de meeste vissersbootjes aan de kant. De vissers zitten voor hun schamele, golfplaten hutjes. Ze spelen een damspel, boeten netten, gaan brak water halen bij een soort waterput, wassen hun sjofele kleren. Iedereen zegt vriendelijk gedag. We zijn welkom. Ja, er is een paadje naar het strand aan de andere kant. We moeten vooral naar de grote iguanas gaan kijken. De grote leguanen, echte monsters en dinosaurus look-a-likes. Ze zijn bang voor ons, moeilijk te vinden tussen de doornige struiken, nog moeilijker te fotograferen.

Conch.
We lopen onze teenslippers kapot op vlijmscherpe kalkstenen uitsteeksels. Het is de enige manier om over deze gatenkaas kalkbodem te wandelen. Zeewater en zuurhoudend grondwater lossen de kalksteen op en zo ontstaat dit ruwe terrein.
Dan staan we plots bij een veld "conchen", grijs geworden van ouderdom. Hoe lang al gooien de vissers de schelpen van de smakelijke "Queen Conch" hier bij elkaar? Die "koninginneslak", een bedreigde diersoort, ondanks of net omdat er in de ganse Caraïben jaarlijks honderd miljoen van die schelpdieren geoogst worden. Lang voor Columbus arriveerde was dit al het belangrijkste voedsel in het Caraïbisch gebied.

Center Parks.
Ook onder water is Isla Beata prachtig. Vooral voorbij het palmenstrand van de vissers, waar grote rotsblokken in zee gevallen zijn. Onze Jak blijft perfect liggen in een rotsbassin terwijl wij de omgeving verkennen. Het lijkt wel een reuzenaquarium, de zon schijnt in holten onder de rotsen waar grote doktersvissen zwemmen. Je kan onder water naar weer een volgend bekken. Scholen piepkleine visjes schieten onder je door. Dit is Center Parks in het echt.

Tevreden met weer een aparte ervaring erbij, varen we huiswaarts. Daar hebben we gezelschap gekregen van Ti-Corail, een Franse catamaran, laatst gezien in Cienfuegos. Ook deze mensen komen uitrusten na de woelige tocht hierheen. Dan genieten we maar alleen van een schitterende lang gemiste green flash.

Morgen naar Barahona?