Verzonden via W2LK

 

Waar zijn we eigenlijk aan het zeilen? Ergens in Schotland? Of toch in de Carieb? Felle regenbuien beperken het zicht tot amper 1 km. Martinique, waar we net nog een glimp van opvingen, is verdwenen. Jakker snelt aan 7 knoop voort, met enkel een zakdoekje fok.
We worden bestookt met het ene zwarte rotzakje na het andere en dat gaat zo maar door vanaf 1 u vanmorgen.

 

Maar, eindelijk, na regen komt zonneschijn, ook hier en plots is daar toch Martinique. Onder de meest intense regenboog ooit. Ingekleurd als door een kleuter, zo lijkt het wel, de tinten overdreven fel. Bepaald niet het beeld dat wij van een regenboog hebben.

 

En dan: Martinique, we vergapen ons: een fel groene heuvel, witte huisjes, rode daken, geel strand met groene palmen. We beseffen plots wat we onze ogen aandeden, verstoken als ze, bijna 3 weken, zijn gebleven van kleurprikkels. Enkel wit en blauw zie je op de oceaan. Kleuren, een feest voor je ogen en redelijk onmisbaar, merk je nu.
Ook onze neus krijgt een schok: humusgeur! Heerlijk.
En onze oren... die vangen de eerste sms-geluidjes op. Welkom in de bewoonde wereld.

 

En heb je het ook al gevoeld, Tony, we zijn achter het eiland EN ER ZIJN GEEN GOLVEN MEER!!! Het leven gaat weer naar normaal.

 

Het is nog vroeg als we het ons aangewezen plaatsje in de enorme haven van Le Marin invaren, langs een Nederlandse boot uit Middelharnis.
Na welgeteld 19 en een halve dag zetten we voet aan land. Een beetje Columbusgevoel, toch wel. Als we naar de douane en het havenkantoor wandelen, wankelen, zoeken we, zoals trouwens ook op zee, houvast bij elkaar. Richting houden is ondoenbaar, we lopen elkaar letterlijk voor de voeten.
Bij de douane, waar we gewoon op de pc een formulier invullen en klaar, beseffen we plots echt .... we did it!!
Het was zeker niet de snelste overtocht ooit. Verre van. We zijn twee dagen kwijtgespeeld met zuid varen, op zoek naar de passaat. Maar we hebben quasi alles gezeild, slechts 10 u op motor. Onze grote dieselvoorraad is amper aangesproken. We hebben eindeloos 'gerockt' en veel blauwe plekken verzameld maar, doelstelling 2010 (Ktje!) op de valreep : gehaald!!

 

Verzonden via W2LK

 

We krijgen niks cadeau van de oceaan. Tot de laatste dag moeten we vechten voor elke mijl. Wat zeg ik, hij geeft er nog een extra lap op vandaag. Bovenop de 4 m hoge swell staan er nog eens cross golven van de wind. Weer een dag in de wasmachine. Kleine wasjes, grote wasjes. Met open mond zitten we in de kuip, kijken naar de enorme golven, achteropkomend, schuimend, overslaand, net niet in de kuip. De ene al hoger dan de andere. Plaatsmakend voor een duizelingwekkende put  er achteraan.

 

Maar het eind van de tocht is in zicht, minder dan 70 mijl te gaan. Een dagtocht. Als alles goed gaat zijn we morgen ergens in de voormiddag ter bestemming.

 

Dan nu maar eens een laatste warme maaltijd proberen maken op deze zee. Een uitdaging. Met een laatste rest pompoen, tomaten, paprika, uien en aardappelen moet dat wel lukken.

 

Onze wijze van fruit en groenten bewaren, heeft de golven alvast getrotseerd. Er rest nog steeds een kg appels en sinaasappels. Ook tomaten en aardappelen zien er perfect uit. Een succes.

 

Intussen heeft zich aan de horizon, die we zien als we bovenop een golftop zitten, nog een zeiltje vertoond. Alle zeilwegen leiden naar... Martinique?

 

Verzonden via W2LK

 

Dag 17

Vijf uur 's morgens. In een donkere kajuit zitten we met z'n twee te turen op het oplichtende radarscherm. Dit keer niet op zoek naar een schip maar naar die zwarte rotzakjes, squalls. Drie kunnen we er ontwaren. Ze beginnen als kleine speldenknopjes en groeien snel uit tot pikzwarte bloemkolen. Twee ervan gaan ons voorbij, de derde komt, pal achter ons, met een snelheid van 25 knopen, dichterbij.

 

Een mens leert snel. Gisteren onze eerste squall. Nu : vlug alles wat nat kan worden binnengooien, twee reven in de genua. Luik in kajuitingang.
Daar is de wind al, regen ook, maar niet veel. Tien minuten later rol ik de genua alweer uit. Voorbij!

 

We nemen ons voor :  als er veel van die rotdingen achter elkaar zouden zitten, gaan we gewoon op motor verder tot de zone gepasseerd is.

 

Voorlopig hebben we enkel met veel wind en golven af te rekenen. Het is weer boterhammekesdag... alleen, het brood is op en ik heb geen zin om er te bakken. Kneden zal nog wel gaan, maar voor je die deegbal hebt, pfff. Bloem, gist, water, maatbeker, je moet dat allemaal uit de kast halen en waar zet je dat dan neer zonder dat het omvalt?  Vermoeiend! Geen zin. Morgen dan maar.
Ik zoek wel wat easy food bij elkaar. Eén persoonsmaaltijd in bain-marie.
Van die vis komt immers ook niks. Weer een set haakjes naar de haaien maar... geen vis.

 

Ja, vannacht is er zich eentje komen presenteren. Een vliegende vis is pal boven Tony zijn kop tegen de bimini gebotst en heeft zich nog kunnen redden aan de andere kant. Enkel wat gedroogd vel (schubben) hangt er nog als stille getuige en als waarschuwing voor ons : "Pas op met uw hoofd 's nachts met die vliegende vissen in de buurt!"

 

 

Dag 18

Je kent die foto's wel. Kinderen hebben in de kleuterklas koekjes gebakken. Staan op de foto mét koekjes en bloem op gezicht en armen en in haren.
Wel ik zag er voormiddag ook zo uit, helemaal bepoederd met meel op mijn bruin vel.

 

Man, man, wat een wind en golven, nog steeds. Maar een mens moet eten en dus, niet getreuzeld, brood kneden. Het is negen uur en ik zit op ons balkon, wat de kuip toch echt is, met zicht op zee en wit schuim, overal rondom.
De deegbal maken is zonder veel ongelukken gelukt.  Nu het kneden nog. Ik strooi wat bloem op het tafelblad en prompt zit ik onder dat witte spul. Een windvlaag vond het nodig om mij een handje te helpen. De daarbij horende golf gooit ook het kopje met bloem en dat met water om (ze stonden nochtans stormvast, dacht ik). Tafel, banken, vloer, ikzelf alles is water en bloem. We komen niet meer bij.

 

Gewoon verder doen maar. Straks ruimen we dat wel op.

 

Nu, enkele uren later, zitten we op hetzelfde 'balkon' te genieten van een vers sneetje krentenbrood. Heerlijk.
We kunnen al meer ontspannen. Nog een tweetal dagen te gaan. Het moet nu toch wel gaan lukken.

 

Toch is er nog steeds onze grootste bekommernis : houdt het materiaal het? Zo een slijtageslag dat wil je je boot eigenlijk niet aandoen. En met een specialist aan boord die wéét wat er allemaal fout kan gaan, is die oversteek niet altijd even zorgeloos. Maar wel een onvergetelijke ervaring.

 

Verzonden via W2LK

 

Sportvisser 

Tony stormt de trap af, grist zijn zwembroek van de bank en verdwijnt weer. Ik hoor nog net iets van : "Sportvisser. Vlak voor ons. Komt naar ons toe."
Vlug toch ook even kijken.
Een levensgrote joekel van een boei, ja. Midden op de oceaan. Uitgerust met antennes en lampen lijkt hij echt wel op een boot. Het is zeker zo een "weer"boei, die alle gegevens op zee registreert en per satelliet doorstuurt zodat slimme weermannen met computermodellen gribfiles kunnen opstellen, die wij dan weer gebruiken om onze route uit te stippelen.
Maar hij ligt helemaal niet waar onze kaart zegt dat hij moet liggen. Verplaatst?

 

Always keep a sharp lookout, zeggen de Engelsen. Nooit mag je aandacht verslappen! Er komen nog van die boeien op onze route. We zijn gewaarschuwd.

 

Tanker 

Het eerste dat je van een schip ziet 's nachts, is een lichtschijnsel tegen de wolken. Een lichtschijnsel als van een klein dorp. Daarna merk je meer lichten, telkens als jijzelf en/of zij bovenop een golf zit. Dan moet je op zoek naar een groen (stuurboord) of rood (bakboord) licht, aanduidend in welke richting zij vaart. Niet makkelijk 's nachts, als je geen afstand kan inschatten.


Bij het wisselen van de wacht vannacht was het van dattum. Een groot schip, tanker (?) voer naar ons gevoel naar een punt vóór ons waar we elkaar zouden ontmoeten. Nee, liever niet. Na een half uur van oploeven, afvallen, over een andere boeg zeilen, checken op de radar, gadeslaan met de verrekijker, weten we het zeker. Zij verwijdert zich statig verder weg naar bakboord. Oef!
Tony gaat een uur later dan normaal, te kooi.
Niet voor lang echter. Ongemerkt is, tijdens de maneuvers met het zeeschip, een squall ons genaderd. In de zwarte nacht zie je de zwarte wolk zo moeilijk, lees: niet. Wind, regen, man, man. Nee, geen onweer. Gelukkig. We hebben een buiskap en bimini (soort afdak) maar de regen jaagt horizontaal gewoon naar binnen.


Vlug het luik in de kajuitingang gezet en samen binnen afwachten. Na 20 minuten , als de bui voorbij is, kan Tony eindelijk zijn hindernissenslaap verderzetten.

 

Verzonden via W2LK

 

"Ok, Tony, ik denk dat nu alles in de oven zit en het deurtje kan nog dicht ook!"
Nee, ik heb het hier niet over één of andere ovenschotel. Het gaat over laptops, GSM's, onze pactor modem voor het sturen en ontvangen van mails, de draagbare GPS en marifoon. We proberen gewoon of alles in de oven past. We naderen immers zo stilaan "squall"gebied en willen op alles voorbereid zijn.
Squalls zijn een reeks van tropische buien die regen brengen, soms veel wind en af en toe onweer. Ze duren ongeveer een half uur en de barometer kondigt ze niet aan. Je kan er zo per dag meerdere achter elkaar op je dak krijgen.
Als er onweer bij zit, moeten al de elektrische apparaten in de oven, de kooi van Faraday, waarin ze veilig liggen voor blikseminslagen.

 

Maar zover zijn we nog niet. Wij wachten af en blijven ons verbazen over het steeds wisselende aangezicht van de zee.
Hoge deining uit één richting. Cross golven van de wind uit de andere richting daar bovenop. Zo is het nu.
Soms een lange deining als de woestijn.
Nu veel wit schuim en brekers, dan weer egaal diep blauw.
Elke dag anders.

 

De hoge golven vandaag dwingen ons weer tot klimmen als we van de trap naar de keuken willen. Bergop, bergaf. Niet beginnen lopen naar beneden, je kan niet meer stoppen. Het ene moment zak je loodzwaar door je knieën, het volgende word je haast gewichtloos.
Wat doe je dan? Gaan zitten, tiens, en liggen, een beetje luchtfietsen met je benen.

 

Zouden we aan wal nog kunnen lopen met onze slappe beenspieren? Op zeebenen, zeker weten.