Wat heeft een mens toch met geuren? Ooit las ik dat ons “geurcentrum” (of hoe noem je dat) zich in het oudste gedeelte van onze hersenen bevindt. Geuren roepen oer-emoties bij ons op.

Wel de oer-Jaklien in mij rook vannacht, nacht drie in de Golf van Gascogne, een zalige eucalyptusgeur, een vleugje pijnboom en grond, vochtige humusgrond.

 

Het was rond 1 uur. De maan ging onder in een donkeroranje wolkenband. Ik had de vuurtoren van Punta Candelaria geïdentificeerd : 3 + 1 flitsen om de 24 sec. Klopte perfect met de kaart. En toen rook ik het. Mijlenver op zee en toch .......

 

Steeds heb ik gedacht : land ruiken ver op zee! Die ontdekkingsreizigers, toch wel erg veel fantasie, die mannen. Nu moet ik bekennen, gelijk hadden ze.

En zoet dat die geur is! Na, ocharme, 3 dagen op zee. Stel je voor als je met Cook of Columbus onderweg bent, waarheen.....voor hoe lang....wat een streling voor je reukorgaan.

 

Dan zien we ook de contouren van bergen, straatverlichting, nog meer vuurtorens. Ook weer meer vissers. En als om 7 uur de zon opgaat, varen we binnen in de grote baai van La Coruña.

 De houle vergezelt ons nog steeds en rolt gewoon binnen in de haven. Boten die buitenvaren, verdwijnen voor een groot stuk achter de golf. Kijk maar.

 


P7200405 (Medium)P7200406 (Medium)

 

 


 

 

 

 

 

 


De stad schittert met veel wit in de eerste zon, maar aan bakboord zijn rotsen en heuvels in een onheilspellende mist en zware wolken gehuld.

Nog bijna een uur varen in de baai en dan is daar de bezoekerssteiger van Marina Coruña.

Liefst twee knappe Spaanse havenmeesters verwelkomen ons en wijzen ons een plaatsje aan in de , naar ons gevoel, haast lege haven.

 

Als we later naar het havenkantoor lopen over een hoofdsteiger als een boulevard, bewegen we ons een beetje onzeker, als zatlappen. Zeebenen!

Alles blinkt en fonkelt als nieuw. De douches, toiletten, lavandería, de reuzengrote toren op de nieuwe golfbreker. Europees geld, goed benut?

 

Een eerste bezoekje aan de stad. Toevallig is er een groot middeleeuws festival in de smalle straatjes van de oude stad. Overal kraampjes met hapjes, snuisterijen, gebak, drank. Het stikt er van de middeleeuwers. Tof.

 

De terrassen op de Plaza de María Pita zijn strakker, cleaner dan zo'n 13 jaar geleden toen we hier vlakbij kampeerden. Maar de ciudad de cristal doet nog steeds haar naam eer aan : ganse straten vol gebouwen met talloze fonkelende glasramen voor de schitterende galerijen.

 

Het is wachten tot 20 u en dan zijn we nog de eersten in het tapas restaurantje om te genieten van de heerlijke pimientos de padrón en de chiperones (calamares) fritos.

Tuurlijk, even niet vergeten : tussen één en vijf uur wordt hier niet gewerkt en het diner da's iets voor na 20 uur of later als het even kan.

 

Foto's van de overtocht vind je hier.