Positie : Port Vila (Vanuatu) .

 

In opperste concentratie staat hij op het bovenste platform (25 m). Helpers hebben zorgvuldig de twee lianen om zijn enkels gebonden. Ze namen er hun tijd voor. Super belangrijk, natuurlijk.
De zesde keer reeds roept één van hen : “Wraf- wraf, wraf-wraf, wraf-wraf“. Voor ons, ondertussen weten we dat, het teken dat hij daarboven weldra zal springen. Het opzwepende zingen van de mannen en het fluitconcert van de vrouwen onderaan de toren klinkt luid op, brengt je in trance.

Eén vrouw loopt tot dichtbij de landingsplek. Zingt luidkeels, haar handen in een offerend gebaar. Steunt ze op deze manier haar man die op het punt staat te springen, van het hoogste platform nog wel ? Hij klapt in zijn handen, citeert onverstaanbare zinnen, spreidt zijn armen ten hemel (het wachten voor ons beneden duurt tergend lang, wij willen het ogenblik van de sprong vastleggen. ) Hij is er nog niet klaar voor.

Dan plots kruist hij zijn armen vóór zijn borst en valt-springt naar beneden. Aan 74 km per uur suist de bijna-naakte, zwarte man richting aarde. Met een klap knapt het platform af en breekt zo zijn val een beetje. Hij draait zich razendsnel om en landt op zijn rug en schouders in de mulle aarde op de helling onderaan de toren. Een man beneden helpt de “springer” recht , bevrijdt hem van zijn enkellianen. Wow.
Even een eerbiedige stilte, dan applaus van de 20-tal aanwezige toeristen die verspreid over de helling griezelend toekijken. Zo eindigt één van de meest spectaculaire, authentieke voorstellingen die we ooit zagen.
Het naghol (landddiving) in een dorp op Pentecost , een noordelijk eiland van Vanuatu.

 

 

We zagen zes mannen springen, hun mannelijkheid bewijzen. Iedere man vanop een hoger platform.
De toren, de mensen, het gezang het baadt in een wel heel speciale sfeer.

We kwamen, in onze truck, tegelijk met heel wat dorpelingen-toeschouwers, aan bij de helling waar de toren is opgetrokken. Vijf weken lang werkten 30 mannen aan dit bouwwerk van hout en lianen. Het moet een menselijk lichaam voorstellen, is meer dan 20 m hoog, met een zestal “verdiepingen”.
Op de helling zijn stokken geplaatst en “trappen” uitgegraven om ons bleekneuzen makkelijk te laten plaatsnemen en ons dichter bij het gebeuren te laten toekijken.

Moet je die donkere toren zien. Als bij een zoekplaatje ontwaar je pas na een tijdje de zwarte gestalten die tussen de stammen en lianen naar boven bewegen. Mannen die de lianen gaan binden, mannen met een machete om de platforms los te hakken en de mannen die zullen springen.
Eén jongetje, 9 of 10 jaar, staat klaar op het 10 m hoge “laagste” schavotje, aarzelt minutenlang, de aanmoedigende kreten kunnen zijn angst niet wegschreeuwen, hij draait zich om, men maakt de lianen los. Geen probleem. De gemeenschap verplicht niemand om te duiken. Zijn intrede in de wereld van de mannen zal voor later zijn.

 

Een andere jongen neemt zijn plaats in. Daarna volgen meer ervaren mannen. Hoe ouder en groter de ervaring , hoe hoger je springt.
Het monotone gezang en de dans van mannen en vrouwen, het gefluit van de vrouwen geeft alles een magische sfeer.

 

 

De naghol is een eeuwenoude traditie.   https://en.wikipedia.org/wiki/Land_diving Evenwel door de missionarissen in de 19de eeuw verboden en pas weer opgepikt midden 20ste eeuw.

Traditie, maar die nu voorleeft dank zij de toeristen (die slechts mondjesmaat worden toegelaten) wiens geld een belangrijke bron van inkomsten is voor het dorp.

Pikant detail : het is hier dat de nieuwzeelander, A.G. Hackett, de mosterd voor het bungeejumpen haalde. Hij vergoedde hen daar niet voor, zeer tot ontevredenheid van de inboorlingen.

 

Terwijl de deelnemers t-shirt en bermuda of rok weer snel aantrekken ( nee, in peniskoker en naakt bovenlijf lopen ze al lang niet meer rond in het dagelijks leven) stappen wij in de jeep, die ons naar de Britten Norman Islander brengt . Klein vliegtuig (9 personen) dat in een uur terugvliegt naar Port Vila, maar niet zonder een hallucinante rondvlucht over de caldera met twee vulkanen van het eiland Ambryn.

Zo aanschouwen we meteen één van de redenen waarom Vanutatu het gevaarlijkste land ter wereld is.

 

 

 

 

 

 

 

 

17°44,27 Z  168°18,60 O 

Als we op de marifoon horen hoe “Banana Split” de douane van Vanuatu herhaalde malen oproept en uiteindelijk antwoord krijgt, bedenken we ons niet. “Customs” zegt dat ze rond 15 u bij hem aan boord zullen komen voor de inklaringsprocedure, als hij maar zorgt dan bij de quarantaine boei in Port Vila te liggen. 
Ons idee : als wij daar dan ook zijn, kunnen wij gelijk aanschuiven. 
Zeilen inrollen dan maar, we moeten nu snel zijn. Het kost ons een uurtje om de enorme baai van Port Vila in te motoren. Heerlijke land-, lees bloemengeuren komen ons tegemoet. Prachtig uniek welkom voor de vermoeide zeezeiler. 

De quarantaine boei ligt vlakbij de zeeboulevard. Life muziek, nog meer geuren, veel volk. 
Het is ruim vier uur als twee beambten bij ons aan boord stappen. 
Vlot vullen ze de formulieren (die wij nochtans vanuit Fiji per mail overmaakten aan hen) nog maar een keer in. Ik ken de antwoorden uit mijn hoofd. 
Een half uurtje later klinkt het : “Prettig weekend, jullie kunnen nu aan land.”  Tankyu tumas. En met een kwinkslag : “De bar, met die luide muziek, hier tegenover blijft open tot 3 u ! “
Geeft niks. Wij zijn toch te moe om daardoor gestoord te worden.

17°54,40 Z  168°37,10 O

We zeilen nog steeds aan een gemiddelde snelheid van 5 knopen op een 12 kn achterlijke wind. De stroming tot 1 kn sterk, staat vaker tegen dan mee. Zo duurt onze reis langer, natuurlijk. 
Om 9 u komt de schreeuw : "Land in zicht" van Tony. We zien ook al een eerste collega-zeiltje in de verte voor ons. 
Nog ongeveer 6 u te zeilen....als alles goed gaat.

18°15,85 Z  170°41,32 O 

De beloofde 13 knopen wind heeft gans de nacht geblazen. Behoorlijk zeilen, maar het is bijna pal voor de wind en dan klapperen de zeilen af en toe op de hoger wordende golven. Het grootzeil dekt het voorzeil af en dan slaat de wind uit dat laatste. Met een ellendige, natrillende klap neemt het zeil terug zijn positie in. Binnen lig je in die klankkast te slapen. Succes daarmee. 
Daarom zetten we 's morgens met de "boom" het voorzeil vast. Dan kunnen we vlinderen , melkmeisje zeilen zoals de Nederlanders het zo plastisch noemen. Moeilijk met die boom manipuleren op een swingend dek, bovenop onze Jak die daar ligt. Tony haalt zijn hiel erbij open. Maar we zijn van het enerverende klapperen af. Oef. 

Het batterijen probleem dan. Vannacht stond de koelkast af, zodat de enige batterij enkel voor de noodzakelijk instrumenten stroom moest leveren. Na wat gehokuspokus van Tony in de achterkajuit leveren nu de andere batterijen ook weer stroom waarschijnlijk niet lang. 

Maar we hopen morgen aan te komen in Port Vila en beginnen alvast het kaartje van de haven en de instructies voor inklaring te bestuderen. 
Elk land hetzelfde en toch weer anders.  Vandaag is het O.L.H Hemelvaart , een vrije dag in Vanuatu . Morgen brugdag zoals bij ons thuis ? Dat zou dubbele prijs voor het inklaren kunnen betekenen !

18°31,67 Z  172°24,22 O 

Vertrekken op onze huwelijksverjaardag ! Blijkbaar toch niet zo een goed idee. 
Na een paar uur rustig zeilen, valt de wind helemaal weg. Motoren maar weer. 
En dat gaat uren zo door. Tony houdt angstvallig de batterijen in de gaten. Hij heeft een slecht voorgevoel, de Sterling spanningsregelaar geeft alarm. Twee van de drie accu's worden veel te warm. Je kan er je hand niet ophouden. 
Ik schrik wakker van gestommel in de achterkajuit. Tony schakelt, het is twee uur 's nachts, die twee boosdoeners uit. Een voorlopige oplossing. Met één accu kunnen we niet goed functioneren . Koelkast, plotter, stuurautomaat Jefke , instrumenten, verlichting, laptops dat alles heeft elektriciteit nodig. Eén accu is niet voldoende.
Besluit : we varen niet naar Port Resolution (de baai waar captain Cook landde ) op Tanna. Immers, wat als die laatste accu ook de geest geeft, dan zitten we daar echt in de bush bij locals die zelf op de yachties rekenen voor technische spullen. 
Nieuwe bestemming : Port Vila (Efate) hoofdstad van Vanuatu. Daar hopen we redelijk uitgeruste winkels aan te treffen. 

Aan boord wordt het een uur vroeger (UTC + 11u) Vanuatu tijd.  De wind pikt terug aan en we rollen de zeilen uit. Wat is dat ? Ik krijg de schrik van mijn leven als vlakbij mijn hand een klein staartje over dek kronkelt. Onze gekko ?!? Dat beestje verstopt zich graag onder de touwen waarmee we nu de zeilen uitrollen. Van hem geen spoor. Is hij ontsnapt ? Maar zijn staartje is hij kwijt. Dat blijft nog vele minuten over het dek bewegen.

18°19,07 Z  175°13,21 O 

Pas als we de Wilkes passage, één van de uitgangen uit de grote lagune van Viti Levu, achter ons laten, kan ik me ontspannen. 
Wat een frustrerende ochtend. Maandag bovendien. We begrijpen dat wel. De douane en immigratie beambten komen pas om 10 u opdagen. Als het papierwerk geklaard is, spoeden we ons naar Western Union waar Vatu's (de munt van Vanuatu) op ons liggen te wachten. Dat geld krijgen we pas, als we onze geldige uitklaringspapieren (of een vliegticket ) kunnen voorleggen. Wet is wet.
Het zit ons niet mee. Er ankerde net een cruiseschip buiten de marina van Denarau. Tientallen, vooral Chinezen, willen Fiji dollars en snel, er is immers zo weinig tijd om die op te maken. We wachten ongeduldig onze beurt af in de file bij het loket. 
1000 Vatu = ongeveer 8 €. Je krijgt dus een smak geld. Echt veel waard is het niet. 

Geoff, Ali, Mere en Anna (van Marina Denarau) zeggen ons een laatste keer : “Tot ziens, Sota Tale “, want ze hopen ons ooit een keer terug te zien. 
Susan, ons zeilmaatje van vorig jaar, eigenaar van de Yachtclub Rhum ba, maakt, in haar drukke maandagochtend programma, even tijd voor een aller-aller laatste knuffel. 

Maar ons werk is nog niet af. Terwijl we tegen de wind naar de uitgang van de lagune motoren, probeer ik nog een keer e-mailcontact te krijgen met Vanuatu beambten. Je bent verplicht je ten laatste 24 u voor aankomst te melden. Ik heb nog steeds internetverbinding. Warempel, eindelijk antwoorden ze me. Sturen me nog meer aanvullende papieren om in te vullen en raden me aan naar Tanna te varen. Op mijn verzoek of we in Aneityum, het meest zuidelijke eiland van Vanuatu, kunnen inklaren, krijg ik een negatief antwoord. 

Dus op naar vulkaaneiland Tanna ( Port Resolution)  over een rustig golvende zee met vriendelijk windje . We spotten al meteen een school grienden. Brengen die ook geluk?

Als je dit leest, proberen wij weer te wennen aan het schommelen over golven, op weg naar Vanuatu. We hebben lang geduld geoefend maar hopen nu een vriendelijke zee te ontmoeten en een dito wind.

Fiji is natuurlijk een heerlijke plek om te verblijven maar één keer moeten we weer verder als we die zeilreis ooit willen afmaken.

Ongelooflijk, maar net vóór ons vertrek, kreeg Fiji de voorbije week nog een tropische depressie TD12F op bezoek. Mogelijk werd het een cycloon cat 1 . Hoe kon dat ?
Officieel eindigt het cycloonseizoen 1 mei .  Er zijn geen zekerheden meer.
Het lijkt er steeds meer op dat cyclonen Fiji gedurende het ganse jaar kunnen verrassen. Climate change ?!
Niet verwonderlijk dat Fiji een belangrijke rol wil spelen in de bewustmaking en de aanpak.


Het afscheid nemen van vrienden cruisers valt niet mee maar we kijken uit naar weer een nieuw eiland, het gevaarlijkste ter wereld en dat zijn niet enkel de woorden van Tom Waes.

Internet verbinding zal niet evident zijn de volgende weken. Maar ik probeer samen met onze positie (op de site) een korte boodschap mee te geven.
Ga je mee?

 

 

 

 

Het echte storm-regenweer lijkt voorlopig voorbij. Maar het Fiji Met Office blijft ons elke dag met “strong wind warnings” om de oren slaan. “Rough to very rough seas” maken het no-go plaatje compleet.
Hier kijken we helemaal niet naar uit. Nee, zo willen we niet vertrekken. Geduld oefenen dus maar. Een schone deugd, zegt het spreekwoord. Moeilijk, vind ik.

Wat kan je dan doen ? Je focust op een ander project . Binnen-houtwerk vernissen bijvoorbeeld.
Wij zijn weer bezig. Dat is wat ik nodig heb.
Het resultaat mag gezien worden. De ganse kajuit lijkt wel opgefrist. Toch hebben we slechts een gedeelte onder handen genomen. We moeten moeite doen om te stoppen. Al het hout een nieuwe laag geven zou weken duren.

's Avonds, tijdens onze wandeling, maak ik wat foto's van het dagelijks fakkel ontsteken bij het Plantation resort, recht tegenover onze ankerplek. Kinderen zijn er dol op.

Omdat we toch ooit wel zullen vertrekken, lenen we de auto van vrienden Martin en Anna. We laden hem bij supermarkt “New World” zo vol als maar kan. Handig als je zakken bloem, rijst, melk en bakken bier aan boord wil halen.

Het eerste superjacht keert vanuit Nieuw-Zeeland terug naar de “vakantie-habitat”, Fiji. Tony ziet hoe Senses aanmeert. De volledige vrouwelijke crew is present aan dek.

In het jachtendorp, bij Malolo Lailai, begint het botenleven zich, na het orkaanseizoen, te hervatten. Langzaam sijpelen er jachten binnen die zich uit hun zomerstalling losrukten. We kunnen zelfs weer Nederlands babbelen, Hanny en Jacob (Jonas) pakken een boei vlakbij.

 

 

Piepklein Namotu eiland. Daar gaan we een paar keer heen op “uitstap”. Zoals we vroeger naar Bokrijk reden, met ma en pa, om te spelen en te wandelen. Dat wandelen doen we hier in en onder water. Veel aangenamer bij temperaturen van 33°. We luieren er nog wat, bewonderen de surfers, lezen. Varen daarna weer terug naar ons, voor wind en golven beschutte, plekje bij Malolo Lailai ( = klein Malolo eiland). De veiligste baai van mijlen in de buurt. Namotu is enkel een dag-ankerplek, oncomfortabel bij hoog water en als de wind van overzee komt.



Ons leven kabbelt rustig verder. Boodschappen doen, het “huis” aan kant houden, kleren wassen, eten koken. Zoals thuis eigenlijk. Op een boot kost het wel iets meer moeite en de hitte speelt ons parten, vooral bij dat eten maken. Maar we zijn het gewoon. Zelf gemaakte cassava frietjes smaken ons beter dan diepvries frieten ooit zouden kunnen. Zonder frietketel lukt het trouwens toch niet.

We studeren en lezen over Vanuatu en Nieuw-Caledonië, onze volgende bestemmingen. We downloaden de meest recente kaarten.
We ondergaan dagenlang tropische regenbuien en hopen op het einde van de regens.

Het toeristisch dood seizoen komt langzaam op gang. De ons wel bekende Beaver (watervliegtuig) landt weer vaker met vakantievierders. Maar één keer gaat het fout. Het lijkt wel of hij niet genoeg snelheid haalt om op te stijgen. Na een aantal vruchteloze pogingen geeft de piloot het op en parkeert zijn toestel op het strand waar de opgetrommelde mekaniekers het na een paar uur sleutelen weer “good to go” verklaren.

De meeste toeristen komen toch sowieso met de Malolo Cat IV, die altijd een warm welkom krijgt in Musket Cove Resort.

's Avonds proberen we wat “VRT.nu” op te vangen, enkel de weinige programma's die je buiten de EU kan zien. Door het nieuwe 3 G Vodafone plan in Fiji koop je nu voor 10 € 25 Gigabytes aan data. Die krijgen we, in ons gewone doen, in 14 dagen nooit opgesoupeerd.
Zo voelen we ons voor even, dichter bij huis.

Additional information