Positie : Maloelap Atoll, Taroa :  08°41,751 N , 171° 13,272 O

Reizen is meestal wat oncomfortabel. Met de auto op superdrukke autosnelwegen in ellenlange files. Met het vliegtuig onmenselijk vroeg op de luchthaven wachtend tussen de massa's zwaarbepakte toeristen. Onze manier van reizen is soms heerlijk zwierig en makkellijk, vaak misselijk makend en loodzwaar. Maar we zijn nu eenmaal zo onderweg.
In de Marshall eilanden weten zeilers wat hun te wachten staat. Erg veel tégenwind, een zware zee, nachtelijke, plotse regenbuien. Het is gewoon kwestie van de minst slechte periode eruit te kiezen.
En, een pluim voor onszelf, dat is dit keer wonderwel gelukt.
Hadden we bij het buitenkomen uit de lagune van Majuro alletwee het gevoel van "zouden we niet beter terugdraaien?"  Na een tijdje tanden bijten werd de zee stilaan ordelijker, de wind iets oostelijker en onze koers beter. Maloelap Atol bleek zelfs bezeild, dit betekent dat we scherp aan de wind, de zeilen heel dichtgetrokken, rechtstreeks naar ons doel voeren. Flink op één oor kliefden we door de golven, pikten maar af en toe een paaltje (die uitdrukking hoeft geen uitleg). Dat er weinig geslapen zou worden, wisten we zo. De eerste nacht op zee, weet je. De wind blies toch weer iets harder dan verwacht, resultaat, het was nog donker toen we bij de zuid-west pas in Maloelap arriveerden. Op en neer varend, met een zakdoekje zeil, brachten we de tijd zoek tot het rond acht uur wel in orde was om ons naar binnen te wagen. Tegen wind en stroom haalden we in de pas nauwelijks 2 kn. Het gaat wat sneller met de motor op 2000 toeren, zoals de fabrikant van de nieuwe schroef voorschrijft. Meer gas geven, is zoals in kleine versnelling een berg oprijden.

Ook in de immens grote lagune (972 km² , 71 eilandjes ) waar je de andere kant niet ziet, is de golfslag behoorlijk. Ijselmeergolfjes ! Eerst maar eens even beschutting zoeken achter een klein eilandje om te ontbijten en even uit te rusten voor we verder varen naar Taroa waar Unique en Chez Nous liggen en waar we ons, volgens het boekje, moeten melden met onze permit.

 
 

Positie : Majuro, Republic of Marshall Islands : 07°06,20 N , 171°22,43

 

Verwaaid en uitgeregend, wachtend op betere tijden ( hoe vaak al gedurende onze reis?) kan ik je intussen wat meer over Majuro vertellen.


Over de cultuurshock die we ervoeren bij aankomst uit Kiribati. Hier geen palmen- en pandanushuisjes, ze gebruiken steen en een zinken dak. In het straatbeeld geen pareo's of sarongs te zien. In Kiribati en Tuvalu gaan dames de deur niet uit zonder zo een kleurige doek rond hun heupen. Het is een beetje als je jas aantrekken. Hier dragen de Marshallese dames allemaal hetzelfde model nylon soepjurk in verschillende kleuren en desins. Buitenlanders herken je van ver aan bermuda's, shorts en kortere rokjes.


Er rijden hier erg veel auto's rond en nog meer taxi's. Collectieve taxi's. Je verplaatsen was nog nooit zo makkelijk en goedkoop. Twee vingers omhoog voor twee personen en ogenblikkelijk stopt een taxi die twee plaatsen vrij heeft. Voor 75 dollarcent rijdt hij naar het andere eind van de stad. O ja, hij rijdt rechts ! Toch raken we nu, na verschillende jaren linksrijdend verkeer, bij het oversteken nog meer in de war.
Dan is er de betelnoot. We kennen de gewoonte van het kauwen wel. Zien het hier voor het eerst van dichtbij. Taxichauffeurs stoppen bij piepkleine winkeltjes waar ze de opengesneden areca noot, gedraaid in een betelblaadje, en het witte kalkpoeder kopen. Even later zitten ze, de hele handel achter een super dikke wang gepropt, gelukzalig aan het stuur. Het effect van een kop koffie, beweert men ?
Tot zover het kauwen. Walgelijk is het spuwen, dat erbij hoort. De bordjes : “No betelnut chewing”, helpen weinig. Overal op straat zie je vuurrode plekken, uiteengespatte, uitgespuwde betelfluimen. Ieder zijn verslaving ?!

Dit produceer je al betelnoot kauwend. Uit het raampje van een rijdende wagen gemikt. Degoutant.

Terwijl ook hier iedereen vraagt , “Where you from?” , blijkt België onbekend. Europe” doet wel een belletje rinkelen. Far away !! Ja, vertel ons wat.



Na Kiribati hebben we het gevoel dat de US en Taiwan hier té veel invloed hebben en kijken we uit naar de meer authentieke outer islands. Bij wijze van voorsmaakje bezoeken we het kleine Alele museum. Wapens, navigatie hulpmiddelen, boten , geweven matten en kleren : een mooie collectie. Er is zelfs een deel gewijd aan de vreselijke kernproeven op Bikini atol.

Een soort kaart van de eilanden die men memoriseerde om te navigeren.

 

Positie : Majuro, Republic of Marshall Islands : 07°06,20 N , 171°22,43

 

Op weg naar “buiten”, ter hoogte van de vissersschepen in de lagune, zo ver waren we in vorige blog.
Eerst maar eens de genua uitrollen, te zot om al die mijlen ín de lagune te motoren. Stuurman Jefke opzetten, op die manier maken we onze handen vrij om dat werkje even samen te doen. Piep, piep, piep, piep. O nee, ”Low battery” alarm verschijnt op de display van de stuurautomaat, die verder elke medewerking weigert. Nog nooit eerder gezien?! Verdorie, Jefke, onze stuurautomaat, in staking ? Da's echt slecht nieuws.
Ok, dan stuur ik wel weer verder. Tony gaat koortsachtig op zoek naar de panne. Begint één en ander uit te meten. Ondanks het feit dat de computer van de stuurautomaat volle accuspanning krijgt, is er een “low battery” alarm. Tony's vermoeden wordt alsmaar meer bevestigd. Jefkes computer, daarin moet het probleem zitten. Onder zeil kan Pierke, de Windpilot, het wel van Jefke overnemen, maar onder motor werkt dit absoluut niet. Conclusie : Jefke moet hersteld worden en wel híer in Majuro waar we nog enigszins met de wereld verbonden zijn en het internet razend snel.

Het zwarte kastje is de computer van de stuurautomaat.


Ondertussen terug aan onze mooringboei gaat Tony verder met de probleemoplossing : handleiding bestuderen, het internet afzoeken naar mogelijke oplossingen. Al snel blijkt onze storing een gekend probleem te zijn bij de fabrikant Raytheon, die online een oplossing aanbiedt voor de handige Harry's onder ons, om van een handige Tony nog maar te zwijgen.

Even een Zener diode 1N4001 tussen twee punten op de printplaat solderen. Opgelost !” : lezen we.
Tony duikt in zijn elektronica kistje en wat een hoerenchance, tovert daar toch zeker een Zener diode 1N4004 te voorschijn. Hijzelf is nog het meest verbaasd. Deze diode doet hetzelfde werk. Onze bange visioenen : wekenlang wachten op vervangstukken of nog erger, het aanschaffen van een geheel nieuw, peperduur (4.000 $) besturingssysteem spatten met een heerlijk plofje uit elkaar.

Dit is de bewuste Zener diode naast een koffielepeltje.

Zo is de diode op zijn plek gesoldeerd, dwars in het midden van de plaat.

Want inderdaad nadat de uitgebouwde printplaat mét (0,5 $) diode weer teruggeplaatst is en we Jefke inschakelen, horen we geen gepiep meer en doet hij weer gewoon zijn werk!
Toegegeven, alles duurde wel wat langer dan je wellicht uit mijn verhaal concludeert. Zodanig zelfs dat we ons smalle weervenster met een klap hoorden dichtslaan terwijl Tony naarstig werkte. Prijs van het oponthoud : nóg één, misschien twee of meer weken Majuro, want er komt wind opzetten, veel wind én regen. Geen goed weer om te reizen. Verdorie, eind april moeten we weg uit de Marshalls. De tijd tikt.

Maar laten we nederig blijven en niet zeuren. We beseffen niet hoe gelukkig we zijn. In Tonga en Zuid-Fiji raast op dit moment de alles verwoestende cycloon Gita, een categorie 5 orkaan. Er is zelfs grote kans dat zogenaamd “cycloonvrij” Nieuw-Zeeland een veeg uit de pan krijgt. Zovele inwoners en cruisers op hun boten zijn in gevaar.
En van thuis komen opnieuw de zo gevreesde berichten over doodzieke geliefde mensen. Zucht.

 

Positie : Majuro, Republic of Marshall Islands : 07°06,20 N , 171°22,43 O

 

Ook de Marshall eilanden, het derde minst bezochte land ter wereld, enkel voorafgegaan door Kiribati en Tuvalu, kan je niet écht leren kennen in hoofdeiland Majuro. Het is er wel goed boodschappen allerhande doen. Je vindt er een paar leuke restaurantjes. Er is de yachties gemeenschap die elke dinsdag samen komt voor een natje en droogje en een erg luidruchtige babbel.


De straat met de winkels beweeg je, als je niet loopt, op en neer met taxi's die steevast 0,75 $ per persoon per rit vragen.
Cruisers (lang verstoken van nieuwe spullen aanschaffen) “amazon'en” zich hier te pletter. Majuro heeft immers een Amerikaanse zipcode en de US post levert snel en goedkoop, zo beweert men toch. Wij wachten echter nog steeds op twee pakjes.

Maar om het authentieke Marshall leven te leren kennen, moet je minstens naar een paar van de 24 atollen en 1.156 aparte eilandjes, die Marshalls rijk zijn. Nee, je kan daar niet zomaar heen zeilen. Eerst vul je voor elk atol een formulier in. Ook datum van aankomst en vertrek , wetende dat je 2 weken mag blijven. Moeilijk, want veel onbekende factoren : welk eiland is leuk ? Hoelang zal je blijven? Hoe zal het weer zijn?
De burgemeesters van de eilanden, die meer in Majuro rondhangen dan op hun eiland hebben we de indruk, ondertekenen je formulier en dan kan je gaan. Voor Bikini atol krijg je geen toestemming. Hebben we niet eens gevraagd. Onze goedkeuring van Kwajalein is niet binnen.
Foert, dan vertrekken we zonder.

Meer zullen we van Bikini Atoll wel niet te zien krijgen.


Richting noord naar Maloelap atol, 110 zeemijl, 20 u scherp aan de wind zeilen. Eerst passeren we, op weg naar buiten, opnieuw de grote vissersschepen in de lagune en de vrachtschepen die de vangst naar huis vervoeren. De vissers vangen, zo lieten we ons vertellen, voor 10 miljoen Euro aan tonijn PER DAG in deze wateren! Een ongelijke strijd. Helikopters aan dek van vele van deze vissers bewijzen dat de grote scholen vanuit de lucht worden opgespoord. Je ziet de hoge torens met gesofistikeerde verrekijkers. De tonijn heeft geen schijn van kans.
Een horrorverhaal . De visserijrechten : makkelijke inkomsten voor de Marshall eilanden (trouwens voor al de eilandengroepen in de buurt), maar erg kortzichtig want hoe lang nog?

Vissersschip laadt zijn tonijn over naar cargo.

 

Positie : Majuro, Republic of Marshall Islands : 07°06,20 N , 171°22,43 O

 

Uitgewuifd in Tarawa.

Met onze eerste, duur betaalde Marshallese, 4G gigabytjes (we moeten ook een dongle aanschaffen, anders werkt het niet) download ik de nieuwste Zilt Magazine. Een tekstje, geschreven door een deelnemer van de Volvo Ocean Race, over de zone rond de evenaar haalt me de woorden uit mijn laptop.

“../.. Hier (rond de evenaar) zijn luchtdrukverschillen niet langer de energiebron van de wind. Elke wolk kan het verschil maken tussen storm en windstilte. Soms zie je donkere wolken zonder wind, soms zie je onschuldige die 40 knopen camoufleren. Gribfiles en weerkaarten zeggen niks …/..”.

Voilà, echt, zo is zeilen rond de evenaar. Zo hoor je het ook eens van een ander.
Hier ons verhaal.
Onze start uit Tarawa (nu alweer twee weken geleden) ging met de nodige hindernissen gepaard. Het grootzeil zat potvast in de mast. Hoe we het er uiteindelijk, na een uur “chipoteren” toch uitkregen, het is me een raadsel.
Bovendien hoorden we een verdacht geklop en getril onder onze voeten, bij de schroef. Verontrustend genoeg om Tony met duikuitrusting en de nodige werktuigen onder de boot te sturen. Een versleten zinkanode, die hij meteen verving, dat is alles wat hij kon ontdekken.

Dan zouden we een uurtje motoren om vlot buiten het atol te geraken. Oeps, misrekening, het werden er 15. Pikzwart werd het boven Abaiang atoll, waar je langsheen vaart. Met een bang hart hielden we die immens grote wolken in de gaten, zwart kolkend, zware regen uitstortend, maar wij ontsnappen eraan. Toen toch.


Ons zee-beddeke is klaar !

 

De volgende drie dagen en nachten kan ik zo samenvatten.
Na een kletsnatte onstuimige nacht, droogde het vroeg of laat op, kalmeerde de zee en waaide er een mooi windje dat overdag voor een goeie, vrij comfortabele voortgang zorgde. Overdag hielden we de enorme wolken rondom ons angstvallig in het oog. Als er eentje aan de onderkant ook maar een dun streepje grijs begon te kleuren, schakelden we de radar in en tuurden op het schermpje op zoek naar enige activiteit. Een gewone wolk zie je niet op de radar. Een wolk met veel regen kan van een rood-groenig stipje op 15 NM afstand op tien minuten uitgroeien tot een groteske bloemkool met gigantische windvlagen en bakken regen vlak boven je kop. Als je dat ziet, moet je onmiddellijk zeil reven of in het ergste geval zeil helemaal naar beneden en op motor verder.
Zo ver voor overdag.

Mooi zeilen overdag !


's Nachts is dat een ander paar mouwen. Je ziet de wolken niet. Als je nog maar een vermoeden hebt van sterke wind, kan je de radar controleren en checken of er een bui aankomt, zeilen inrollen, binnen gaan zitten als het regent want...nog een tegenvaller : onze buiskap is lek als een mandje.

Het constant zeilen regelen zijn we vlug beu, zo vermoeiend en je wekt vaak, ongewild, de man te kooi. Oplossing : motor op en van binnenuit sturen en navigeren via de app op onze tablet, die een kopie van ons plotterscherm toont. Elk kwartier moet de man op wacht enkel nog de horizon afspeuren naar schepen.

Alert blijven. En effectief, tijdens onze overtocht naar de Marshall eilanden is in Kiribati een veerboot op weg van ...eiland naar Tarawa gezonken. Van de 50 opvarenden zijn er na 5 dagen 6 of 7 gered kunnen worden. Ik probeer me voor te stellen hoe je in die hoge golven en dat slechte weer je hoofd boven water houdt. Zouden wij mensen kunnen redden in zulk een zee? Wat zou je doen met al die mensen aan boord van Jakker? Hallucinant idee.

 

Positie : Majuro, Republic of Marshall Islands : 07°06,20 N , 171°22,43 O

 

Vrijdag 26 januari, 9u30. Net aangekomen in Majuro, vastgemaakt aan een boei (ankeren is hier niet aan te raden vanwege de vele koraalbommies ), een beetje groggy nog van de ruige tocht, mag je toch niet uitrusten. Het is vrijdag, straks start het weekend en als je dan inklaart, betaal je een overtime fee van 250 $.
Daarom snel Jak van het voordek hijsen en in het water laten, motortje neerlaten met de takel die Tony maakte en achterop bevestigen. Allemaal nogal wat werk voor twee vermoeide zestigers, werk dat we nochtans routinematig aflappen in een halfuurtje.

Onze speciale map “met papieren” in de waterdichte rugzak gegooid en weg zijn we. Chuck van Katie G brieft ons nog even over waar en hoe. Met de taxi ben je d'er zo en Jak kunnen we aan een
drijvende steiger achterlaten. Een ongekende luxe.



Ook op dit atol slechts één straat met aan weerszijden water, één kant lagune, andere zijde oceaan. Alles ligt ver uit elkaar, geen centrum. De taxi lijkt nooit te zullen stoppen. Plots, heu, kijk daar eens ?! Bij een chique gebouw, the parliament building, wapperen twee eenzame vlaggen, tussen ontelbare lege vlaggenmasten : de Marshall vlag en de …...Belgische ! Zeker niet voor ons.


Bij de lunch in het Marshall Islands Resort ontmoeten we Laurie, directie-secretaresse van de secretaris-generaal, die ons kan vertellen dat de Belgische ambassadeur voor de Pacific op bezoek is. Vandaar.

Het inklaren verliep overigens nog nooit zo snel. Heel weinig schrijfwerk, stempel in paspoort en wegwezen !
Yokwe ( Hello).

Over de overtocht vertel ik volgende keer.

 

 

 

Ga je eens kijken naar het fotomapje over Kiribati ?

Snel internet + genoeg credits = huiswerk voor mij.  Veel plezier .

 

Positie : South-Tarawa, Bonriki : 01°22,382 N, 173°07,808 O.

Wind.
Al dagen waait het hard, 5-6 bf. Voor Jakker (ons huis) geen probleem, toch niet op deze goed beschutte ankerplek in Bonriki. Maar om met Jak, ons kleine bootje (onze auto), aan land te gaan, dàt is een uitdaging. De wind sproeit het schuim van de kleine, voor Jak echter grote golfjes, helemaal over ons heen. Echt toonbaar zien we er niet meer uit als we ons een weg over het strandje banen. Tussen plastic-, glas- en blikafval door, langsheen het enorme varken, ijverig scharrelend, één poot vastgebonden, lopen we naar de weg.

Geen meisjes in Bikini op het strand !

Waar we ook aanleggen, steeds bieden vriendelijke bewoners aan op onze dinghy te passen. Wijzen ze er hun kinderen op niet op dat prachtige “springkasteeltje” te spelen. Zo kunnen we zien hoe triest sommige mensen leven. Tony spreekt nog steeds van de twee dames die in hun totaal leeg, afgeleefd bakstenen huisje (pas verruild voor hun hutje ?) op de grond zaten met een paar krijsende baby's. Geen meubel te zien. De doos koekjes die hij hun aanbood in ruil voor het oppassen op onze Jak, verdween in een oogwenk.



Aan de wal.
Na dagen aan boord, moeten we nu toch eens een keertje aan wal. We zorgden voor een grote voorraad blik en “droge voeding” toen we naar hier vertrokken, maar af en toe moeten we wel op zoek naar verse bananen, papayas of kip.
We drinken ook graag een koffie in de Chatterbox, het Westers internetcafé, waar je steevast expats ontmoet of met Titi, het koffiemeisje wat kan babbelen.
Ik hou dan weer van busje rijden, ook al is elk gesprek quasi onmogelijk door de keiharde muziek, een mix van romantische Pacific muziek en boenke boenke covers van wereldbekende nummers.

Vreemde gewoonten.
Zo, door wat langer te blijven hangen, raak je doordrongen van de plaatselijke cultuur. Na die talloze busritjes, geperst tussen de I-Kiribati, even zovele uurtjes wachtend aan bank- en andere immigratieloketten (we moesten immers ons visum verlengen), kleine gesprekjes, leer je de gebruiken kennen.
I-Kiribati zijn wat bedeesd. Pas als jij luid “Mauri” groet, doen zij dat, verrast opkijkend, ook. Behalve de meisjes dan, die blauwogige Tony giechelend groeten, dat vertelde ik al. Zoals overal ter wereld wil men weten waar je vandaan komt en heeft men, een paar uitzonderingen daargelaten, absoluut geen idee. Belgium ???
Steevast volgt dan : “First time Kiribati?”
Een hoop gewoonten zijn all over de Pacific hetzelfde. Je mag niet blijven staan vóór een groep zittende mensen. Als je zit, mogen je voetzolen niet in iemands richting wijzen. Je schoenen laat je buiten. In de bakkerij in Tuvalu zelfs op uitdrukkelijk schriftelijk verzoek.
Verbaasd ervaren we een apart gebruik in Kiribati. Als je voorbij een groepje mensen loopt die met elkaar praten (al zijn het er maar twee) dan buig je diep voorover en door je knieën en prevelt een verontschuldiging. Een beetje als bij ons wanneer je te laat binnenkomt voor een toneelvoorstelling en naar je plaats schuifelt.
Zo gebeurt het dat midden in de telefoonwinkel terwijl we even wachten en gewoon naast elkaar staan te praten, mensen voortdurend al buigend-prevelend voor ons doorlopen. Grappig.

In de kuip.
Elke dag zijn we vanuit onze uitkijkpost in de kuip getuige van het leven in de lagune. Het mag dan wel hard waaien, de lucht is stralend blauw en de kleurtjes van het water niet te beschrijven.
Vissersbootjes vertrekken met twee roeiers, die gaan hun netten uitgooien. Wie geen bootje heeft, loopt de ganse dag tot zijn borst in het water, op de langzaam droogvallende zandplaat, een visnet achter zich aantrekkend. Honden en kinderen crossen op die kilometers lange zandplaten, die een witte waas in de lucht weerspiegelen.


Volgeladen “ferrybootjes” varen mensen af en aan van het verafgelegen Noord-Tarawa naar de stad. Ook zij hebben last van de golven, moeten uitkijken mensen en vracht niet te nat te maken. Comfortabel is het niet. Mensen zitten op een rijtje achter elkaar, zo smal is het bootje, dat door een drijver in evenwicht wordt gehouden.


Andere boten brengen enorme stapels pandanus-rollen van de afgelegen eilandjes naar de stadjes. De puur natuur organische daken van de Kiribati huisjes (buias) moeten immers vaak vernieuwd worden.

Zo stilaan groeit bij ons de nieuwsgierigheid naar de Marshall eilanden, gelijkaardig maar zonder twijfel ook weer apart.

 

Positie : South-Tarawa, Bikenibeu : 01°22,236 N, 173°06,833 O.

 

 

De Subaru Forester is onze wagen voor een dag, met “het stuur aan de verkeerde kant”, flauw grapje uit onze jeugd. Na bijna twee jaar voetganger in landen met linksrijdend verkeer verrassen de auto's ons eindelijk steeds minder. Zelf rijden blijkt nog makkelijker, vooral op dit eiland met slechts één weg en om de haverklap een verkeersremmer, zodat busjes en auto's zich in een lange slang verplaatsen. Gewoon volgen maar.
Ons plan voor vandaag : we doen de WOII tour én we gooien bier, cola en diesel in de koffer. Het weinige fruit (bananen en een enkele papaya) en groenten (een piepklein zakje met nog kleinere tomaatjes en wat Chinese kool) te koop in stalletjes langs de weg, hoe duur ook, het is van ons.

 

Slag om Tarawa.
Maar eerst WOII en meer bepaald de Slag om Tarawa. Een bloedige strijd tussen de Japanners, die Tarawa in bezit namen en er een onneembare vesting van maakten twee dagen na de aanval op Pearl Harbor, en de Amerikanen die het eiland wilden bevrijden in november 1943.
Vooral de regio Betio (hoofdstad) was door de Japanners zwaar versterkt met bunkers, kanonnen en loopgraven. Ze richtten er hun commando centrum voor de Gilbert eilanden in.
De groots opgezette Amerikaanse landing met amfibievaartuigen, hun eerste grote strijd in de Pacific, mislukte doordat de leiding het niet nodig achtte degelijke informatie over de tijverschillen in te winnen. De landingsvaartuigen liepen vast en konden niet meer voor of achteruit door het extreme lage tij. Vele jonge Amerikanen lieten hun leven achter het rif, op het strand, in het water ,een makkelijk doelwit voor het vijandig geschut. Maar dank zij de enorme  Amerikaanse machtsontplooiing van 17 vliegdek-, 12 oorlogsschepen, 8 zware en 4 lichte cruisers, 66 destroyers, 36 transportschepen en 35.000 soldaten konden ze de goed voorbereide Japanners haast tot de laatste man verslaan.
5.700 mensen sneuvelden voor dit piepkleine eiland (3,5 km lang en 300 m breed) : 4.690 Japanners en Koreaanse dwangarbeiders , 1.113 Amerikanen. 3 dagen duurde de strijd.
750 I-Kiribati lieten het leven gedurende de ganse oorlog.



Kanonnen.
Veel kanonnen en bunkers vind je niet meer op Zuid-Tarawa en overal stinkt het naar pis. Maar onder een strakblauwe hemel proberen we ons even voor te stellen hoe het moet geweest zijn, onder vijandelijk vuur landen op een prachtig palmenstrand waarbij een doorsnee mens enkel aan vakantie kan denken. Zinloze oorlog.

Weer zo speciaal Kiribati : nog vorige week was het park, bij deze bunkers en kanonnen behorend, verlaten. Vandaag is elk strookje land ingenomen door feestvierende families. Kerst en nieuwjaar zijn heilig. Overal tentjes, matten , kookvuurtjes, reuzengrote geluidsboxen.
Oudejaarsavond waait het (net als in België) voor ons te hard om naar de wal te tuffen. Oud op nieuw vieren we dus gewoon op Jakker, al “Vlees en Bloed” binch-kijkend.


Zeilrace.
Eén januari gaan we een kijkje nemen bij de aankomst van de zeilrace. Nee, niet de beroemde Sydney-Hobart race.
De boten met outriggers zijn zelf gebouwd, geen carbon maar zeilen van plastic zakken. Het gaat er daarom niet minder serieus aan toe. Dat bewijst de prijsuitreiking met envelopjes met inhoud voor de winnaars .

In de maneapa ernaast is ook wat aan de gang. Veel volk op de matten en een man die met luide stem dingen omroept. Dichterbij komend snap ik het plots. Nieuwjaarsdag, geen traditionele dansen maar kienen. Nog een erfenis van de Engelsen ?

 

EEN GEZOND, GELUKKIG, TOF 2018 !

 

Additional information